E03.94.1584 Groenlinks Eindhoven en Staatssecretaris van Defensie - B&W Eindhoven

Home > Onderwerpen > Duurzame ontwikkeling, techniek > Vervoermanagement > Jurisprudentie > E03.94.1584 Groenlinks Eindhoven en Staatssecretaris van Defensie - B&W Eindhoven

E03.94.1584 Groenlinks Eindhoven en Staatssecretaris van Defensie - B&W Eindhoven

Vervoermanagement

Inhoud pagina: E03.94.1584 Groenlinks Eindhoven en Staatssecretaris van Defensie - B&W Eindhoven

Trefwoorden: Energie, grondstoffen, water, verkeer, afval, voorschriften, terugverdientijd, kazerne en kantoorgebouw Koninklijke Marechaussee Eindhoven

Energie
Grondstoffen/Water
Verkeer
Afval
Opmerking
Wet

Energie
Een aantal voorschriften is gewijd aan energieverbruik en –besparing (maandelijkse registratie energieverbruik en onderzoek naar mogelijkheden van energiebesparing). Groenlinks meent dat daarnaast invoering van energiebesparingsmogelijkheden met een terugverdientijd van vijf jaren of minder, dwingend moeten worden voorgeschreven.

De Afdeling
De Afdeling is echter van oordeel dat in algemene zin terugverdientijd niet het enige criterium kan zijn om een energiebesparende maatregel te beoordelen. Aan het implementeren van een dergelijke maatregel kunnen immers voor de drijver van de inrichting naast de financiële aspecten ook bezwarende aspecten kleven, die niet financieel van aard zijn. Verder kan een dergelijke maatregel milieugevolgen met zich meebrengen die zwaarwegender zijn dan de gunstige energiegevolgen. Het criterium ‘terugverdientijd’ moet dan ook niet op deze wijze worden opgenomen.

Opmerking
Ondanks dat het aardgas- en energieverbruik lager is dan de cijfers genoemd in de Circulaire, is terecht een onderzoeksverplichting opgenomen. Omdat de cijfers niet betekenen dat bij lager energieverbruik dit geen aandachtspunt zou moeten zijn.

Grondstoffen/Water
GroenLinks heeft het onderwerp waterverbruik geschaard onder de problematiek van het zuinig omgaan met grondstoffen; een waterefficiëncyplan zou moeten worden opgesteld en specifieke toiletten met regenwaterspeoling, zuinige douchekoppen en wasmachines met een extern waterapparaat zouden moeten worden voorgeschreven.

De Afdeling
Volgens de Afdeling is over het zuinig omgaan met grondstoffen nog niet een circulaire verschenenen, vergelijkbaar met de Circulaire 'Omgaan met energieverbruik en MJA bij de milieuvergunning'. Voorts wijst de Afdeling op de totstandkomingsgeschiedenis van de Wm, waaruit blijkt dat bij het stellen van voorschriften over energie- en grondstoffenbesparingsmaatregelen in het kader van de milieuvergunning terughoudendheid voorop staat. Gelet op het beperkte waterverbruik binnen de inrichting kunnen vergaande maatregelen ter zake van dit onderwerp redelijkerwijs niet worden gevergd. Nu voor dit bedrijf het besparingsdoel niet op voorhand vaststaat en dat evenmin op voorhand concreet duidelijk is dat aanzienlijke besparingsmogelijkheden, die zijn te verwezelijken binnen de grondslag van de aanvraag, aanwezig zijn, is er geen aanleiding reeds nu middelvoorschriften in de vergunning op te nemen.

Verkeer
Volgens GroenLinks zou een vervoersplan waarin gebruik van openbaar vervoer en de fiets wordt gestimuleerd in de voorschriften moeten worden opgenomen. ook wenst zij een regeling van fietsverkeer ter uitvoering van sommige taken van de Marechaussee alsmede het stimuleren van dienstreizen per openbaar vervoer en gebruikmaking van het zogenaamde video conferencingsysteem.

De Afdeling
Volgens de Afdeling heeft de wetgever voor wat betreft het woon-/werkverkeer de bedoeling gehad het mobiliteitsbeleid van het Rijk en andere overheden niet primair in het kader van vergunningverlening Wm, maar in het kader van de ruimtelijke ordening of andere beleidsinstrumenten te verwezenlijken.

Ten aanzien van woon-/werkverkeer van werknemers beslist de Afdeling dan ook, dat de keuze om met een bepaald vervoermiddel naar het werk te gaan uiteindelijk aan de werknemers en niet aan de drijver van de inrichting is. Hetgeen van de drijver van de inrichting kan worden gevergd is in het kader van de Wm dan ook zeer beperkt. Terecht zijn geen voorschriften opgesteld die het woon-/werkverkeer regelen. Het is niet zo dat er geheel geen ruimte zou zijn voor het regelen en stimuleren van bepaalde vervoersvormen, maar die ruimte is evenwel zeer beperkt.

Over verkeer in het kader van de uitvoering van de aan de Marechausse opgedragen taken staat naar oordeel van de Afdeling voorop, dat moet worden beslist op de aanvraag om vergunning. Beklemtoond wordt dat het niet aan het bevoegde gezag is om in de plaats van het in de aanvraag gekozen vervoermiddel een milieuvriendelijker alternatief vervoermiddel voor te schrijven. Dit zou immers verlating van de grondslag van de aanvraag zijn.

Voorts is niet gebleken dat er in een meer dan zeer geringe omvang mogelijkheden zijn door een ander gebruik van vervoermiddelen een besparing van het aantal gereden kilometers te bereiken. Het bijhouden van een administratie zoals door appellant is gewenst, waar onder meer het doel van elke reis wordt bijgehouden, moet naar het oordeel van de Afdeling niet nuttig worden geacht. De plicht tot het bijhouden van zo'n registratie is onnodig bezwarend (het wagenpark bestaat uit 25 motoren en 10 auto's en busjes, met de voertuigen worden veelal korte ritten uitgevoerd die doorgaans transport-, veiligheids- en politietaken betreffen).

Opmerking
Het is niet zo dat voorschriften voor wat betreft mobiliteit alleen kunnen gaan over de verkeersaantrekkende werking van de inrichting. Het is in principe mogelijk om bepaalde vervoersvormen te stimuleren, maar deze ruimte is zeer beperkt.

Afval
Wat afval en afvalpreventie bestreft, gaat het in dit geschil om een geringe activiteit. Voor zover de inrichting een kantoorfunctie, een kazerne of wasplaats vervult, is geen aanzienlijke hoeveelheid afval, nog afval van uitzonderlijke soort te verwachten. Daarbij is het niet op voorhand aannemelijk dat binnen het kader van de activiteiten die in de inrichting worden verricht alternatieven voorhanden zij die uit oogpunt van afvalpreventie of -beperking gunstig voor het milieu zijn.

De Afdeling
De opgelegde registratieplicht is naar het oordeel van de Afdeling onnodig bezwarend; deze voorschriften zijn in strijd met Wm art. 8.11 lid 3.

Opmerking
Het blijkt dat op het punt van regulering van energie- en grondstoffenbesparingsvoorschriften de nodige terughoudendheid past. De beoordelingsruimte die overheden daarbij hebben, wordt in toenemende mate ingevuld door allerlei circulaires en handleidingen.

In de voorschriften is opgenomen dat de maatregelen die zijn aangegeven in het op te stellen besparingsrapport, overeenkomstig dit rapport dienen te worden uitgevoerd, binnen de termijn die in dit rapport is aangegeven. De Afdeling gaat ervan uit dat, indien de genoemde maatregelen niet binnen de gestelde termijn worden uitgevoerd, dan de gemeente de daartoe geëigende handhavingsmiddelen kan inzetten.

Wet
Wm art.1.1, lid 2, Wm art 8.11 lid 3 energieverbruik, afvalstoffen, Wm art 8.10 lid 1 weigering ikv gebruik auto's busjes en motoren

RvS-nummer:
E03.94.1584
Vindplaats:
Milieu cd-rom
Bevoegd gezag:
gemeente
Datum uitspraak:
29 juli 1997
vervoermanagement
 

Kenniscentrum InfoMil