200003531/2 Vereniging Stedelijk Leefmilieu, Groen en Milieubeheer en Coöperatie Mobilisation of the Environment U.A. beide gevestigd te Nijmegen – GS Gelderland
Vervoermanagement
Inhoud pagina: 200003531/2 Vereniging Stedelijk Leefmilieu, Groen en Milieubeheer en Coöperatie Mobilisation of the Environment U.A. beide gevestigd te Nijmegen – GS Gelderland
Trefwoorden: afvalpreventie, afvalstoffen, woon-/werkverkeer, universiteit en academisch ziekenhuis
Inleiding
I-Afvalstoffen
In de vergunning zijn volgens appellanten ten onrechte geen kwantitatieve doelstellingen opgenomen. In het kader van afvalpreventie en –reductie had dit moeten gebeuren.
II-Woon/werkverkeer
Met betrekking tot een gebiedsgericht verkeers- en vervoersplan en ter ondersteuning van de mobiliteitsdoelstellingen zijn in de vergunning ten onrechte geen meet- en onderzoeksverplichtingen verbonden.
De Afdeling
Ad I. De vergunning verplicht om binnen twee jaar een nader omschreven afvalpreventieonderzoek uit te voeren. Daarnaast moet in de inrichting een regeling inzake het milieuverantwoord omgaan met afvalstoffen aanwezig zijn. In het tweejaarlijks milieuverslag moet een overzicht worden gegeven van de afgevoerde hoeveelheden per afvalstroom en de wijze van verwerking waaruit een vergelijking met voorgaande jaren mogelijk is.
Op grond van deze voorschriften kan een volledig inzicht worden verkregen in de omvang van de afvalstromen en in de reductie die daarbij in de loop van de jaren wordt gerealiseerd. Uit de stukken blijkt dat de afvalstromen sinds deze worden geregistreerd jaarlijks zijn afgenomen. Gelet daarop en op het ontbreken van een algemene aanvaard normstellend kader voor het stellen van afvalstoffenreductieverplichtingen, hebben verweerders in redelijkheid kunnen afzien van het stellen van concrete reductiedoelen.
Ad II. De Afdeling leidt uit de totstandkomingsgeschiedenis van de Wet milieubeheer af dat in een vergunning in zijn algemeenheid geen eisen gesteld kunnen worden aan het woon/werkverkeer. Het bevoegd gezag heeft op dat punt in redelijkheid geoordeeld dat er geen meet- en registratieverplichtingen in de vergunning worden opgenomen. Ook met betrekking tot algemene verkeersmaatregelen, die zich niet beperken tot de inrichting, kunnen dergelijke voorschriften niet worden opgelegd.
Wet
Wm 8.4 lid 1, 8.10 lid 1, 8.11 lid 2 en 8.13 lid 1

