Sprinklerinstallaties
Veiligheid
Inhoud pagina: Sprinklerinstallaties
Uit het Vuurwerkbesluit van 22 januari 2002 is een aantal knelpunten naar voren gekomen met betrekking tot de certificering van de sprinklerinstallaties. Knelpunten zaten met name in het in het stelsel van accreditatie en certificatie zoals dat in de oude voorschriften was vastgelegd. Dit systeem is dan ook verlaten met de wijziging van het Vuurwerkbesluit van 16 januari 2004.
Hieronder is het systeem beschreven zoals dat geldt na de inwerkingtreding (25 februrai 2004) van deze wijzigingen op het Vuurwerkbesluit.
Voorschrift 5.2
De brandbeveiligingsinstallatie is ontworpen, aangelegd, opgeleverd en onderhouden overeenkomstig een Programma van Eisen, opgesteld conform memorandum 60.
Het Programma van Eisen is beoordeeld door een inspectie-instelling. Deze inspectie-instelling voldoet voor wat betreft het uitvoeren van beoordelingen en inspecties van brandbeveiligingsinstallaties op basis van memorandum 60 aan EN 45004 en is daarbij een type A inspectie-instelling. De inspectie-instelling is geaccrediteerd door de Stichting Raad voor Accreditatie. Het Programma van Eisen is goedgekeurd door het bevoegd gezag, voordat met de aanleg van de brandbeveiligingsinstallatie wordt begonnen. Het Programma van Eisen, alsmede het bewijs van beoordeling door de inspectie-instelling is binnen de inrichting aanwezig.
Noot: In Bijlage 1 onder A van het Vuurwerkbesluit is in het zesde lid vastgelegd dat bij ministeriële regeling wordt bepaald welke versie van het memorandum 60 moet worden toegepast of wordt een document aangewezen dat in de plaats van het memorandum moet worden toegepast. Hiermee behoudt de wetgever de mogelijkheid om wijzigingen in het memorandum te formaliseren, of andere documenten in plaats van memorandum 60 vast te stellen.
Voorschrift 5.3
De bewaarplaats, bufferbewaarplaats en verkoopruimte worden niet eerder in gebruik genomen dan nadat door een inspectie-instelling als bedoeld in voorschrift 5.2 een goedkeurend inspectierapport is afgegeven of nadat een certificaat door een daartoe op basis van EN 45011 door de Raad voor Accreditatie geaccrediteerde certificatie-instelling is afgegeven. Uit het goedkeurend inspectierapport of het certificaat blijkt dat de brandbeveiligingsinstallatie voldoet aan het goedgekeurde Programma van Eisen.
Het goedkeurend inspectierapport of het certificaat is binnen de inrichting aanwezig.
Noot: Thans wordt in Nederland gewerkt aan een nieuwe certificatieregeling overeenkomstig de huidige voorwaarden van de Raad voor Accreditatie. Zodra deze regeling van kracht wordt zal memorandum 60 hieraan worden aangepast. Het Vuurwerkbesluit kan ongewijzigd blijven. Met een Ministeriele Regeling kan het naar het nieuwe memorandum worden verwezen.
Voorschrift 5.4
Iedere twaalf maanden na aanleg van de brandbeveiligingsinstallatie wordt door een inspectie-instelling als bedoeld in voorschrift 5.2 beoordeeld of de brandbeveiligingsinstallatie functioneert en is onderhouden conform het in voorschrift 5.2 bedoelde goedgekeurde Programma van Eisen. De inspectierapporten zijn binnen de inrichting aanwezig. Een bewaarplaats, een bufferbewaarplaats of een verkoopruimte is niet in gebruik indien uit een inspectierapport blijkt dat een brandbeveiligingsinstallatie niet voldoet aan het in voorschrift 5.2 bedoelde goedgekeurde Programma van Eisen.
Daarnaast is in bijlage 1 onder A bepaald dat met de in voorschrift 5.2 bedoelde inspectie-instelling of de in voorschrift 5.3 bedoelde certificatie-instelling die is geaccrediteerd door de Stichting Raad voor Accreditatie wordt gelijkgesteld een accreditatie afgegeven door een instelling in een andere lidstaat van de Europese Unie dan wel in een staat die partij is bij de overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte, en die aan ten minste een gelijkwaardig niveau voldoet.
In bijlage 1 bij dit memorandum zijn aan de hand van een model PvE criteria vermeld die tenminste opgenomen dienen te worden in het PvE voor locaties met minder dan 10.000 kg consumentenvuurwerk. Per object zullen mogelijk locatiespecifieke zaken in het PvE (dat conform voorschrift 5.2 van het Vuurwerkbesluit ter goedkeuring wordt voorgelegd aan het bevoegde gezag) in detail uitgewerkt moeten worden.
In het Vuurwerkbesluit is bepaald dat het PvE moet zijn opgesteld conform memorandum 60. Er zijn m.b.t. het maken van een PvE geen deskundigheidseisen gesteld.
Meer informatie is te vinden in de toelichting op Vuurwerkbesluit wijziging van 16 januari 2004, (Stbld. 26, 2004) bij onderdeel BB (blz 38)
Wat is de status van een brandbeveiligingsdocument (bdb) na 1 oktober 2010?
Hieronder wordt aangegeven dat onder het Vuurwerkbesluit oude BdB's niet noodzakelijkerwijs omgezet moeten worden in PvE's. Ditzelfde uitgangspunt gaat in de toekomst gelden voor de omzetting van PvE's naar UPD's.
In het verleden is met een verduidelijking van Memorandum 60 door het Ministerie van VROM aangegeven dat sprinklerinstallaties die op basis van een brandbeveiligingsdocument (BdB) ontworpen zijn niet alsnog van een Programma van Eisen (PvE) moeten worden voorzien.
Deze lijn gold slechts indien het BdB voor 1 oktober 2005 was ingediend bij het bevoegd gezag en het bevoegd gezag hier mee ingestemd heeft. Daarnaast moest de aan de hand van het BdB gebouwde installatie volledig voldoen aan de eisen zoals vastgelegd in Memorandum 60 en de veiligheid niet in het geding zijn.
Omdat het Memorandum 60 aangeeft (checklist 3) dat er een maal in de vijf jaar een toets moet plaatsvinden of het PvE nog actueel is en aan de stand van de techniek voldoet doet zich de vraag voor of de oude BdB's nu vervangen moeten worden door PvE's.
Het standpunt van VROM in deze is in oktober 2010 nog steeds hetzelfde als bij het indertijd toestaan van de gebruikmaking van BdB's, namelijk dat daar waar de veiligheid niet in het geding is (omdat de aan de hand van het BdB gebouwde installatie volledig voldoet aan de eisen zoals vastgelegd in memorandum 60), en indien het bevoegd gezag heeft ingestemd met het BdB als PvE, niet noodzakelijkerwijs geeist moet worden dat alsnog een PvE wordt opgesteld.Het is uiteindelijk de geaccrediteerde inspectie-instelling die bepaalt of een BdB of een PvE nog voldoende actueel is.
Deze insteek gaat volgens de Nota van toelichting bij de ontwerp-wijziging van het Vuurwerkbesluit ook gelden bij de vervanging van de term "Programma van Eisen" door "uitgangspuntendocument of UPD". Voor een locatie waar een goedgekeurd PvE of BdB aanwezig is is er geen reden voor het bevoegd gezag om vanwege deze nieuwe term een nieuw uitgangspuntendocument te eisen. Pas bij de vijfjaarlijkse beoordeling zal door de inspectie-instelling worden nagegaan of het document nog voldoende actueel is.

