Uitbreiding van bedrijfstijden die in strijd is met de aan de vergunning verbonden beperkingen maar waarin wel wordt voldaan aan de geluidsnormen van de vergunning : 8.19 melding.

Home > Onderwerpen > Integrale milieuregels > Wet milieubeheer > Vragen en antwoorden > art. 8.19 > Uitbreiding van bedrijfstijden in strijd is met de aan de vergunning verbonden beperkingen: 8.19 melding

Uitbreiding van bedrijfstijden die in strijd is met de aan de vergunning verbonden beperkingen maar waarin wel wordt voldaan aan de geluidsnormen van de vergunning : 8.19 melding.

Wet milieubeheer

Inhoud pagina: Uitbreiding van bedrijfstijden die in strijd is met de aan de vergunning verbonden beperkingen maar waarin wel wordt voldaan aan de geluidsnormen van de vergunning : 8.19 melding.

Vraag

Kan een uitbreiding van bedrijfstijden worden gemeld, wanneer deze uitbreiding in strijd is met de aan de vergunning verbonden beperkingen ten aanzien van de bedrijfstijden maar wel wordt voldaan aan de geluidsnormen van de vergunning?

Antwoord

Let op: deze tekst is niet aangepast aan de Wabo.  

Een ja/nee-antwoord zou afbreuk doen aan de complexiteit van deze vraag.

Aangezien deze vraag regelmatig aan InfoMil wordt gesteld, worden twee gevallen die hierover aan de Raad van State zijn voorgelegd uitgebreid weergegeven. In beide gevallen oordeelde de Raad dat de melding kon worden geaccepteerd.

In het ene geval (ABRvS 18 juni 2003, 200201955/1) accepteerde de gemeente een 8.19-melding waarbij de werktijden werden uitgebreid. De reguliere werktijden waren van 08.00 uur tot 16.30 uur en er werd door ongeveer 20 medewerkers incidenteel gewerkt tot 21.00 uur en op zaterdagmorgen. De 8.19-melding, zoals deze bij het bestreden besluit werd geaccepteerd, hield in dat de werktijd op maandag tot en met vrijdag voor 80 medewerkers van de unit 'hout' aanving op 7.30 uur en voor 20 medewerkers van de unit 'hout' eindigde op 22.30 uur.
Omwonenden voerden aan dat de uitbreiding van de werktijden niet met een 8.19-melding kon worden afgedaan omdat hoe dan ook de nadelige gevolgen voor het milieu zouden toenemen ten opzichte van hetgeen op grond van de geldende vergunning was toegestaan. Immers, die vergunning was verleend onder de beperking van de daarin opgenomen bedrijfstijden en door de uitbreiding daarvan zou geluidemissie plaatsvinden op tijden waar deze voorheen ontbrak. De omstandigheid dat die emissie eventueel binnen de geluidsnormen van de vergunning zou blijven was volgens appellanten in zoverre dan ook niet relevant.
Naar het oordeel van de Afdeling berustte dit betoog, dat er op neer kwam dat een uitbreiding van bedrijfstijden niet kon worden gemeld omdat de uitbreiding in strijd was met de aan de vergunning verbonden beperkingen ten aanzien van de bedrijfstijden, op een onjuiste opvatting over artikel 8.19, tweede lid, van de Wet milieubeheer (oud). Zij stelde dat de 8.19-meldingsregeling het melden mogelijk maakt van veranderingen van de (werking van de) inrichting die niet in overeenstemming zijn met de onderliggende vergunning en de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen. Mede gelet op de wetsgeschiedenis kan die verandering ook een uitbreiding van activiteiten ten opzichte van de onderliggende vergunning inhouden.

In het andere geval had de gemeente de 8.19-melding van het uitlaten van honden tussen 22.00 uur en 23.00 uur geweigerd (ABRvS 11 september 2002, 200103472/1).
In een voorschrift (voorschrift 11) van de vergunning werd namelijk bepaald dat tussen 19.00 en 07.00 de honden in de verblijven moesten zijn ondergebracht. Dit voorschrift was op zich niet in strijd met een ander voorschrift, waarin was opgenomen dat het piekgeluidniveau tussen 19.00 en 23.00 niet meer mocht bedragen dan 65 dB. De afdeling oordeelde als volgt:

"De stelling van verweerders dat de 8.19-melding van het uitlaten van honden tussen 22.00 uur en 23.00 uur niet kan worden geaccepteerd reeds omdat die activiteit in strijd is met voorschrift 11 van de vergunning en voor de realisering van die activiteit derhalve een wijziging van dat voorschrift nodig is, berust naar het oordeel van de Afdeling op een onjuiste uitleg van artikel 8.19, tweede lid, van de Wet milieubeheer(oud). De in dat artikellid neergelegde 8.19-meldingsregeling heeft immers betrekking op veranderingen van de (werking van de) inrichting die niet in overeenstemming zijn met de onderliggende vergunning en de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen. Mede gelet op de wetsgeschiedenis kan die verandering, zoals in dit geval, ook een uitbreiding van activiteiten ten opzichte van de onderliggende vergunning inhouden. Ingevolge artikel 8.19, tweede lid (oud), moet onder meer worden beoordeeld of een dergelijke verandering andere of grotere gevolgen heeft voor het milieu dan die welke in de vergunde situatie waren toegestaan. In dit geval zijn in de vergunning evenwel geluidgrenswaarden voor de avondperiode opgenomen en is van andere relevante milieugevolgen die de in geding zijnde verandering kan veroorzaken niet gebleken. Voor de vraag of in dit geval met een 8.19-melding kan worden volstaan is dan ook met name van belang of na realisering van de beoogde verandering aan die grenswaarden kan worden voldaan."

wetgeving en handhaving
 

Kenniscentrum InfoMil