Kunnen bedenkingen tegen een ontwerpbesluit per e-mail worden ingebracht?

Home > Onderwerpen > Integrale milieuregels > Wet milieubeheer > Vragen en antwoorden > Awb Algemene wet bestuursrecht > Kunnen bedenkingen tegen een ontwerpbesluit per e-mail worden ingebracht?

Kunnen bedenkingen tegen een ontwerpbesluit per e-mail worden ingebracht?

Wet milieubeheer

Inhoud pagina: Kunnen bedenkingen tegen een ontwerpbesluit per e-mail worden ingebracht?

Vraag

Kunnen bedenkingen tegen een ontwerpbesluit per e-mail worden ingebracht?

Antwoord

Ja, onder voorwaarden is dit mogelijk. Ondertekening is één van die voorwaarden.

In 2004 zijn aan de Awb de artikelen 2:13 tot en met 2:17 toegevoegd, die regels geven voor het elektronisch verkeer tussen burgers en de overheid. Uit deze bepalingen, tezamen met de memorie van toelichting, blijkt dat ook e-mail moet worden opgevat als een schriftelijke vorm van communicatie. Daarmee is de uitspraak waarin de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bepaalde dat met het inbrengen van bedenkingen per e-mail niet voldaan is aan de in artikel 3.24 Awb (noot redactie: Awb oud) gestelde eis van schriftelijkheid, in principe achterhaald (ABRvS 10 september 2003, 200205743/1).

In eerdere jurisprudentie had de Raad van State aangegeven dat bedenkingen ondertekend moeten worden (ABRvS 25 juli 2001, 200003912/1). In artikel 2:15 Awb is bepaald dat een bericht elektronisch naar een bestuursorgaan kan worden verzonden voor zover het bestuursorgaan kenbaar heeft gemaakt dat deze weg is geopend. Het bestuursorgaan kan nadere eisen stellen aan het gebruik van de elektronische weg. Het lijkt erop dat het bevoegd gezag bij de bekendmaking kan aangeven dat bedenkingen ook per e-mail kunnen worden ingebracht, mits deze zijn ondertekend.

In artikel 2:16 Awb wordt bepaald dat aan het vereiste van ondertekening is voldaan door een elektronische handtekening, indien de methode die daarbij voor authentificatie is gebruikt voldoende betrouwbaar is, gelet op de aard en de inhoud van het elektronische bericht en het doel waarvoor het wordt gebruikt. De artikelen 15a, tweede tot en met zesde lid, en 15b van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek (waarin kort samengevat de eisen zijn opgenomen om te bepalen of de elektronische handtekening betrouwbaar is) zijn van overeenkomstige toepassing, voor zover de aard van het bericht zich daartegen niet verzet.

wetgeving en handhaving
 

Kenniscentrum InfoMil