Wateroverlast
Handboek water
Inhoud pagina: Wateroverlast
Door extremere neerslagintensiteiten en hogere neerslaghoeveelheden als gevolg van de klimaatverandering, neemt de kans op wateroverlast toe. Verschillende factoren spelen daarbij een rol. De verdergaande verdichting van stedelijk gebied leidt er toe dat meer neerslag verwerkt moet worden, terwijl de beschikbare ruimte voor maatregelen steeds kleiner wordt. Door bodemdaling worden bepaalde gebieden gevoeliger voor hoge waterstanden. Verder is de sponswerking van het watersysteem sterk verminderd, waardoor langdurige en grote hoeveelheden neerslag minder goed kunnen worden opgevangen.
In vervolg op de adviezen van de Commissie Waterbeheer 21e eeuw en de kabinetsnota Anders Omgaan met Water, is het thema wateroverlast opgepakt in het Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW) van 2003 en het NBW Actueel van 2008. De normen voor wateroverlast, die met het NBW zijn geïntroduceerd, zijn inmiddels wettelijk vastgelegd via de provinciale waterverordeningen. Deze normen verschaffen duidelijkheid over de gewenste invulling van de taken en bevoegdheden van overheden, die van invloed zijn op de waterbergings- en afvoercapaciteit. Het NBW Actueel bevestigt nogmaals het doel om in 2015 het watersysteem in kwantitatieve zin op orde te hebben. Een probleem dat daarbij wordt gesignaleerd is mogelijke vertraging in verband met grondverwerving. Zie verder bij Normen voor wateroverlast.
Met de Wet verankering en bekostiging van gemeentelijke watertaken van 2008 zijn de verantwoordelijkheden van de gemeente voor hemelwater en grondwater in bebouwd gebied geformuleerd. De gemeenten kunnen daarbij ook nieuwe instrumenten inzetten, zoals de hemelwaterverordening en de verbrede rioolheffing. De burger kan bijdragen aan de aanpak van wateroverlast door tijdelijke en incidentele wateroverlast te accepteren dan wel door zelf maatregelen tegen te treffen, bijvoorbeeld door op het eigen terrein water vast te houden.
Vergroten bergingscapaciteit
Waterschappen staan aan de lat om tot 2015 meer ruimte voor water in het regionale watersysteem te creëren, met name via fijnmazige maatregelen. Daar waar extra ruimte voor waterberging nodig is, zijn de provincies en gemeenten in beeld voor de afweging van de ruimtelijke aspecten. De uitkomst van deze afweging krijgt een plek in ruimtelijke plannen. Het expliciet benoemen van gebieden die kwetsbaar zijn voor wateroverlast, biedt de bij gebiedsontwikkelingen betrokken partijen inzicht in de wateropgave en stimuleert het zoeken naar functiecombinaties met water. Zie verder bij Wateroverlast en riuimtelijke ordening.
Stedelijke gebieden
Gemeenten werken de gemeentelijke zorgplichten voor hemelwater en grondwater uit in gemeentelijke rioleringsplannen (GRP). Deze GRP's zijn uiterlijk op 1 januari 2013 aangepast aan de nieuwe zorgplichten. De GRP's zijn bepalend voor de stedelijke wateropgave op het gebied van afstromend regenwater en grondwater. Urgente maatregelen worden voor 2015 gerealiseerd, niet-urgente maatregelen in de periode tot 2027.

