Waterakkoorden
Handboek water
Inhoud pagina: Waterakkoorden
Beheerders van watersystemen stellen binnen een zelfde stroomgebieddistrict waterakkoorden vast, als dat nodig is voor een samenhangend en doelmatig waterbeheer. Beheerders mogen ook zelf het initiatief nemen om een vrijwillig waterakkoord aan te gaan. Beheerders zoals hier bedoeld in de Waterwet, zijn enerzijds het Rijk en anderzijds de waterschappen.
In artikel 3.7 Waterwet is de regeling voor de zogenaamde waterakkoorden opgenomen.
Met een stroomgebieddistrict, waarbinnen waterakkoorden tussen beheerders worden vastgesteld, wordt een gebied bedoeld, zoals aangegeven in de Europese Richtlijn 2000/60/EG, de Kaderrichtlijn Water (KRW) artikel 2, onderdeel 15. Europese regelgeving is te vinden op http://eur-lex.europa.eu/nl/legis/index.htm
In de waterakkoorden regelen de beheerders die aspecten van het beheer die hun eigen beheersgebied overstijgen ten opzichte van elkaar. Ook andere overheden dan de waterbeheerders kunnen worden betrokken bij het waterakkoord, als die andere overheden waterstaatkundige taken vervullen, bijvoorbeeld gemeenten, die zorgplichten hebben (zie: zorgplicht zuiverling stedelijk afvalwater en zorgplicht hemelwater) of vaarwegtaken uitvoeren. Hetzelfde geldt voor provincies, bijvoorbeeld als het gaat om grondwatertaken (zie: zorgplicht grondwater) .
Wat kan geregeld worden in een waterakkoord?
In een waterakkoord worden concrete samenwerkingsafspraken opgenomen, waarmee doelen kunnen worden gerealiseerd. Het gaat om de concrete uitvoering. Voorbeelden van zaken die in een waterakkoord kunnen worden geregeld zijn:
- aan- en afvoer van water (bijvoorbeeld in tijden van droogte),
- minimale kwaliteit van aan- en af te voeren water en
- maatregelen bij extreme omstandigheden.
In een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) of in een provinciale verordening kunnen nog nadere regels worden gesteld over waterakkoorden. In het Waterbesluit, de AMvB bij de Waterwet, is vooralsnog niets geregeld over waterakkoorden.
Ten aanzien van waterakkoorden bestaat er de mogelijkheid dat de provincie of het rijk gebruik maakt van de bevoegdheid regels te stellen of een aanwijzing te geven aan een waterschap Zie: Toezicht door provincie . Het Rijk kan dit alleen doen, als er sprake is van internationale verplichtingen of bovenregionale belangen.
Juridische verplichtingen onder de Wvo
Voor de inwerkingtreding van de Waterwet was de regeling voor waterakkoorden opgenomen in artikel 17 van de Wet op de waterhuishouding. Het sluiten van waterakkoorden was een verplichting voor daartoe aangewezen gevallen (bij AMvB of provinciale verordening). Ook konden waterbeheerders vrijwillig akkoorden aangaan. Bovendien waren er allerlei procedureregels opgenomen in de Wet op de waterhuishouding. Daarnaast zag het waterakkoord alleen op waterkwantiteit en werd deze gesloten tussen waterbeheerders. Moderne waterakkoorden op grond van die wet zijn vaak al breder en gaan niet alleen over waterkwantiteit.
Juridische verplichtingen nu:
In de nieuwe situatie moeten waterakkoorden worden vastgesteld als dat nodig is voor een samenhangend en doelmatig waterbeheer. Onder de Waterwet zijn geen procedureregels meer voorgeschreven voor een waterakkoord en de inhoud van waterakkoorden is verbreed. Het gaat nu niet meer alleen om waterkwantiteit maar om alle aspecten van het waterbeheer. Zie ook het onderwerp doelstellingen. Nieuw is ook dat andere overheden zich aan kunnen sluiten bij het waterakkoord.
Voorbeelden van al bestaande waterakkoorden zijn:

