Beheerplannen

Beheerplannen

Handboek water

Inhoud pagina: Beheerplannen

Het Nationaal Waterplan en de Regionale Waterplannen zijn plannen op een strategisch, beleidsmatig niveau en bevatten de te realiseren strategische doelstellingen. In de beheerplannen van de waterbeheerders (Rijkswaterstaat en de waterschappen) worden de condities en maatregelen vastgelegd om de doelstellingen ook daadwerkelijk te bereiken. Ook voor deze plannen bedraagt de plancyclus zes jaar.

Wat in een beheerplan moet zijn opgenomen staat omschreven in het 2e lid van artikel 4.6 Waterwet. De beheerplannen omvatten het beheer in brede zin, dus mede het beheer van waterkeringen. Dit is nieuw ten opzichte van het systeem van de Wet op de waterhuishouding en Wet op de waterkering, waarbij door de beheerders vaak met afzonderlijke beheerplannen waterkeringen werd gewerkt. Ook het beheer bij calamiteiten maakt onderdeel uit van het beheerplan. Nieuw is ook de mogelijkheid van aanvullende functietoekenning in beheerplannen, voor zover het nationale (voor het beheerplan rijkswateren) dan wel regionale waterplan (voor de beheerplannen van de waterschappen) daarin voorziet. Zie : Regionaal waterplan en functietoekenning

In het Waterbesluit zijn eisen opgenomen met betrekking tot de voorbereiding, vormgeving en inrichting van het beheerplan rijkswateren. In de provinciale waterverordening zijn eisen opgenomen met betrekking tot de voorbereiding, vormgeving en inrichting van de waterbeheerplannen van de waterschappen en met betrekking tot de goedkeuring door gedeputeerde staten.

Het Beheerplan voor de Rijkswateren (het BPRW), wordt vastgesteld door de minister van Verkeer en Waterstaat. Het beschrijft het beheer van de rijkswateren voor de periode 2010-2015. Rijkswaterstaat voert dit beheer uit. Het BPRW is opgesteld binnen de kaders van Europese richtlijnen, nationale wetgeving en nationaal beleid. Onderdeel van het BPRW is een gebiedsgericht Programma waarin de beheeropgave is opgenomen van Waterbeheer 21e eeuw, Kaderrichtlijn Water en Natura 2000. Meer informatie over het BPRW kunt u vinden op de website van Rijkswaterstaat.

Het waterbeheerplan van de waterschappen wordt vastgesteld door het Algemeen Bestuur van een waterschap en goedgekeurd door Gedeputeerde Staten. Het ‘houdt rekening met' het Regionale Waterplan. Hiermee wordt de beheerplanning van de waterschappen (functionele bestuursorganen) ingebed in de bredere algemene afweging op provinciaal niveau. Het waterbeheerplan dient goedgekeurd te worden door gedeputeerde staten
(artikel. 4.7, 1e lid Waterwet) en het plan moet afgestemd worden op de beheerplannen van andere beheerders als er sprake is of zou kunnen zijn van samenhang tussen de watersystemen (artikel 4.6, 1e lid Waterwet)

De Beheerplannen vormen samen met het Nationaal Waterplan en de Regionale Waterplannen het planstelsel.
De gemeente is géén waterbeheerder in de zin van de Waterwet en in de Waterwet is dan ook geen gemeentelijke planfiguur voorgeschreven. In het (verbrede) gemeentelijk rioleringsplan op grond van artikel 4.22 e.v. Wet milieubeheer is opgenomen hoe de gemeente invulling geeft aan haar zorgplichten op het gebied van afvalwater, hemelwater en grondwater (zie artikel 3.5 en 3.6 Waterwet). Zie ook het onderwerp zorgplichten in dit Handboek.

lucht
 

Kenniscentrum InfoMil