Zorgplicht inzameling stedelijk afvalwater
Handboek water
Inhoud pagina: Zorgplicht inzameling stedelijk afvalwater
Gemeenten hebben op grond van artikel 10.33 Wm een zorgplicht ten aanzien van de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater. Onder stedelijk afvalwater wordt afvalwater verstaan dat bestaat uit huishoudelijk afvalwater of een mengsel daarvan met bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater. In de praktijk wordt hier invulling aan gegeven door de aanleg en beheer van een openbaar vuilwaterriool. Deze zorgplicht dient mede ter implementatie van de EU-richtlijn stedelijk afvalwater en sluit aan bij de zorgplicht van de waterschappen voor het zuiveren van stedelijk afvalwater zoals vastgelegd in artikel 3.4 van de Waterwet.
Sinds de inwerkingtreding van de Wet op de Gemeentelijke Watertaken per 1 januari 2008 hebben gemeenten meer flexibiliteit en kunnen zij in plaats van aanleg en beheer van een openbaar vuilwaterriool ook gebruik maken van afzonderlijke systemen of andere passende systemen (zoals IBA’s), als daarmee eenzelfde graad van milieubescherming wordt bereikt. Dat laatste moet blijken uit het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP). Deze extra flexibiliteit volgt uit het tweede lid van artikel 10.33 Wm.
In de memorie van toelichting bij de Wet gemeentelijke watertaken wordt ingegaan op de aanpassing van deze zorgplicht: Memorie van toelichting bij zorgplicht afvalwater.
Ontheffing zorgplicht
In het derde lid van artikel 10.33 Wm is de mogelijkheid van ontheffing van de zorgplicht opgenomen. De provincie is de bevoegde instantie voor het verlenen van deze ontheffing. Van de ontheffingsmogelijkheid wordt met name gebruik gemaakt voor de buiten de bebouwde kom gelegen gebieden (het buitengebied) waar de kosten voor aanleg van riolering aanzienlijk kunnen zijn. Maar ook vanwege specifieke locatie-omstandigheden is aansluiting op de riolering in voorkomende gevallen niet mogelijk. In de gebieden waar de gemeente ontheffing heeft gekregen van de zorgplicht moet de houder van het afvalwater zelf zorgen voor de verwijdering van het afvalwater.
Historie
Voor de inwerkingtreding van de Wet op de Gemeentelijke Watertaken per 1 januari 2008 hadden gemeenten reeds een zorgplicht ten aanzien van de inzameling en het transport van het afvalwater dat vrijkomt binnen het grondgebied van de gemeente. Doordat de oude wettekst van artikel 10.33 Wm over ‘afvalwater’ sprak, ging daar de suggestie vanuit dat de zorgplicht gold voor al het afvalwater waaronder ook afvloeiend hemelwater of grondwater. De afvoer van zowel stedelijk afvalwater als schone afvalwaterstromen als afstromend hemelwater en grondwater strookt niet met het huidige hemelwaterbeleid, zoals bijvoorbeeld verwoord in de voorkeursvolgorde volgens artikel 10.29a Wm. In de nieuwe wettekst van artikel 10.33 Wm wordt daarom gesproken van ‘stedelijk afvalwater’. Daarnaast zijn twee separate zorgplichten in het leven geroepen, de hemelwaterzorgplicht, verankerd in artikel 3.5 van de Waterwet en de zorgplicht voor grondwater, verankerd in de artikel 3.6 van de Waterwet.
Zie bij wettelijke begrippen wat de wetgever met de verschillende begrippen, zoals 'stedelijk afvalwater', bedoelt.

