Werkwijze lucht algemeen: Driestappenmethodiek
Lucht in het Activiteitenbesluit
Inhoud pagina: Werkwijze lucht algemeen: Driestappenmethodiek
Op deze pagina wordt ingegaan op de driestappenmethodiek voor handhaving van luchtartikelen, erkende en verplichte maatregelen, relevante emissies en het verbod op bepaalde activiteiten in de buitenlucht. Voor geur, VOS (coaten, lijmen, reinigen, afleveren van brandstoffen en textielreiniging) en op- en overslag van stuifgevoelige goederen zijn er specifieke methodes.
Driestappenmethodiek voor controle en toezicht luchtartikelen
Per activiteit zijn emissieconcentratie-eisen opgenomen én maatregelen genoemd om daaraan te voldoen. In eerste instantie wordt gecontroleerd of de maatregelen ter beperking van emissies zijn getroffen. Is dat niet of onvoldoende het geval, dan vormen de NeR-artikelen in hoofdstuk 2 van het Activiteitenbesluit de ‘gereedschapskist' voor verdere beoordeling. Bij de controles wordt een stappenplan gevolgd. Uiteindelijk moet worden vastgesteld of alle kosteneffectieve en technische maatregelen zijn genomen. Daarbij wordt rekening gehouden met het overgangsrecht.
De controle bestaat uit de volgende stappen:
- Controleren op verbodsbepalingen en verplichte registraties
- Controleren of de verplichte en erkende maatregelen zijn geïmplementeerd
- Als de verplichte maatregelen niet of onvoldoende zijn genomen het bedrijf aanschrijven op overtreding van het artikel. Als de erkende maatregelen niet of onvoldoende zijn uitgevoerd het bedrijf met metingen of berekeningen laten aantonen dat het aan de emissieconcentratie-eisen voldoet.
In paragraaf 7 van de nota van toelichting bij de Regeling algemene regels voor inrichtingen milieubeheer is deze methode uitgebreid beschreven.
Verplichte en erkende maatregelen
De artikelen in het Activiteitenbesluit bestaan uit gekwantificeerde en niet-gekwantificeerde doelen. Bij gekwantificeerde doelen worden maatregelen genoemd die ‘bewezen werken’, de zogenaamde erkende maatregelen. Voor de niet-kwantificeerbare doelen gelden verplichte maatregelen. Zie voor meer informatie de algemene toelichting op doelvoorschriften, erkende en verplichte maatregelen en onder andere Vraag en antwoord over verplichte en erkende maatregelen voor lucht.
Verbod op activiteiten in de buitenlucht
Voor enkele activiteiten die buiten het bebouwde deel van de inrichting worden uitgevoerd en tot overlast kunnen leiden, geldt een verbod. Het gaat onder meer om het coaten, lijmen en dergelijke met spuitapparatuur, het spaanloos, verspanend en thermisch bewerken van metalen, het stralen en lassen van metalen en het mechanisch bewerken van natuursteen of kunststeen. Er wordt een uitzondering gemaakt voor activiteiten aan objecten die zo groot zijn dat binnen uitvoeren niet mogelijk is. In dat geval moet de uitstoot geminimaliseerd worden.
Relevante emissies: diffuse emissies en grensmassastroom
Diffuse (niet-gekanaliseerde) emissies zijn lastig te kwantificeren én lastig te behandelen. De NeR stelt dat diffuse emissie zoveel mogelijk moeten worden voorkomen via procesgeïntegreerde of brongerichte voorzieningen. Niet in alle gevallen is het redelijk om diffuse emissies te behandelen. Binnen het Activiteitenbesluit geldt dat een bedrijf pas bronafzuiging hoeft toe te passen als de emissie van een stof boven de gestelde grensmassastroom komt. Is dat niet het geval of gelden er geen emissieconcentratie-eisen dan is bronafzuiging niet nodig.
Relevante emissies soms pas boven bepaald verbruik
Bij een aantal activiteiten is bepaald dat er pas relevante emissies optreden boven een bepaald verbruik aan hulpstoffen.
- Bij het lassen van metaal is bronafzuiging bijvoorbeeld pas nodig boven 6500 kg lastoevoegmateriaal per jaar.
- Bij bepaalde vormen van rvs-lassen is dat boven de 200 kg per jaar.
- Voor beitsbaden en etsbaden zijn er volgens artikel 4.72 van de regeling geen relevante emissies indien het totale oppervlakte van de aanwezige beits- en etsbaden met eenzelfde werkzame badvloeistof minder bedraagt dan 3 m2, de temperatuur van de baden niet hoger is dan 50° C en er geen agitatie van de vloeistof in de baden plaatsvindt. De toelichting op dit artikel noemt een rapport van Tauw 'Luchtemissies bij vloeistofbaden in de metaalelektro industrie' bestaande uit twee delen: 1 Literatuuronderzoek en 2 Luchtemissiemetingen.
Emissieconcentratie-eisen
Per activiteit zijn emissieconcentratie-eisen gesteld voor bij die activiteit vrijkomende stoffen. In het algemeen is er voor totaal stof een concentratie-eis van 5 mg per normaal m3 lucht.
Crematoria
Bij een goed functionerende crematieoven blijven de optredende emissies over het algemeen onder de emissieconcentratie-eisen van de NeR. De enige uitzondering hierop is de kwikemissie, afkomstig van amalgaamvullingen. Daarom is een emissieconcentratie-eis van 0,2 mg/m3 voor totaal kwik opgenomen. Crematoria moeten zijn voorzien van een naverbrandingsruimte en een kwikfilter. Er geldt overgangsrecht voor bestaande crematoria.
Maatwerk
In bepaalde gevallen is het mogelijk om bij maatwerkvoorschrift de emissieconcentratie-eisen niet van toepassing te verklaren. Met inachtneming van de NeR kunnen dan andere eisen gesteld worden. De gedachte hierachter is dat het alternatieve voorschrift meer past bij de bijzonderheden van een specifieke bedrijfssituatie, waarbij het milieubeschermingsniveau blijft gehandhaafd. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan een emissieplafond voor de hele inrichting in plaats van emissie-eisen voor individuele onderdelen of activiteiten van de inrichting. De NeR is hierbij leidend en begrenst deze bevoegdheid.

