2.6 Bijzondere regelingen voor specifieke processen

Home > Onderwerpen > Klimaat, lucht, water > NeR > Digitale NeR > 2. Algemeen begrippenkader > 2.6 Bijzondere regelingen voor specifieke processen

2.6 Bijzondere regelingen voor specifieke processen

NeR

Inhoud pagina: 2.6 Bijzondere regelingen voor specifieke processen

Naast de algemene eisen in §3.2 kent de NeR bijzondere regelingen voor specifieke activiteiten. Deze staan in §3.3. en §3.4. De bijzondere regelingen zijn in eerste instantie bedoeld voor procesemissies of specifieke situaties waar met maatregelen op basis van de BBT niet aan de algemene emissie-eisen van de NeR kan worden voldaan, of voor situaties waarin deze eisen in ruime mate zullen worden onderschreden. Daarnaast zijn er bijzondere regelingen voor specifieke groepen van emissies, te weten de emissies van geur en van vluchtige organische stoffen (VOS).

Voor het toepassen van de bijzondere regelingen geldt het volgende. In principe zijn de algemene eisen van toepassing op een bepaalde broncategorie of emissie van een specifieke stof, tenzij deze emissie in een bijzondere regeling uitdrukkelijk anders is geregeld. Als de eisen op grond van de bijzondere regeling niet worden toegepast, dan gelden de algemene eisen voor de betreffende emissies. Daar waar in de bijzondere regelingen ten opzichte van de algemene eisen minder strenge emissie-eisen worden gegeven, dient het streven erop te zijn gericht in de toekomst ten minste aan de algemene eisen te voldoen.

Bij het opstellen van eisen voor specifieke branches of activiteiten, zoals in bijzondere regelingen, is rekening gehouden met de technische en economische mogelijkheden voor de betreffende branche of bij die activiteit. De regelingen zijn in eerste instantie gebaseerd op de technische mogelijkheden ter bestrijding van dezelfde soort emissies, waarbij in zijn algemeenheid rekening is gehouden met financieel-economische beperkingen. De regelingen zijn daarmee gericht op een broncategorie als zodanig en houden geen rekening met de specifieke situatie van individuele bedrijven.

Binnen de bijzondere regelingen gelden voor het berekenen van emissievrachten en -concentraties dezelfde bepalingen als in §2.4 zijn aangegeven voor de toetsing aan de algemene eisen.

In §3.4 zijn de bijzondere regelingen voor vluchtige organische stoffen (VOS) opgenomen. Deze maatregelen zijn gebaseerd op de maatregelen die zijn afgesproken in het kader van het project KWS2000. Dit betekent dat het gebruik van deze regelingen in de praktijk in zekere mate kan afwijken van het gebruik van de andere bijzondere regelingen. Dit wordt in §2.8 en §3.4 nader uiteengezet.

Als de adviesgroep NeR een procedure start om te komen tot een nieuwe bijzondere regeling of om een bestaande regeling te herzien dan blijven de vigerende eisen en bepalingen uit de NeR van toepassing, tenzij wordt bepaald dat voor de desbetreffende situaties een overgangsregeling van toepassing is.

Digitale NeR
 

Kenniscentrum InfoMil