Koudemiddelen en F-gassen

Home > Onderwerpen > Klimaat, lucht, water > Stoffen > Koudemiddelen en F-gassen

Koudemiddelen en F-gassen

Stoffen

Inhoud pagina: Koudemiddelen en F-gassen

Hier vindt u de recent gewijzigde wet- en regelgeving ten aanzien van de verschillende typen koudemiddelen. De informatie is gericht op de handhaving van deze wetgeving ten aanzien van het gebruik van koudemiddelen in koelinstallaties, met uitzondering van koelinstallaties op schepen. Vanwege de uitfasering van bepaalde koudemiddelen worden ook de voor- en nadelen van de verschillende typen koudemiddelen toegelicht waarmee organisaties een bewuste vervangingskeuze kunnen maken.

Daarnaast wordt inzicht gegeven in de nieuwe eisen ten aanzien van diplomering en bedrijfscertificering van installateurs en onderhoudsbedrijven. Er gelden nu ook soortgelijke eisen voor personeel dat hoogspanningsschakelaars en brandbestrijdingsystemen installeert en onderhoudt, voor zover daarbij broeikasgassen kunnen vrijkomen. Ook over dit onderwerp geeft de website informatie.

Overzicht van wetgeving per type koudemiddel

Er bestaan twee hoofdtypen koudemiddelen:

  • synthetische koudemiddelen met als onderverdeling:
    • (H)CFK's
    • HFK's
  • natuurlijke koudemiddelen met als onderverdeling:
    • ammoniak
    • propaan e.d.
    • CO2

Zie de tabel tot welke hoofd- en subgroep een bepaald koudemiddel behoort.

De (H)CFK's, voluit: chloorfluorkool(water)stoffen, hebben een sterk ozonlaagafbrekend effect. De Europese ozonverordening regelt daarom de uitfasering van fabrikage en het gebruik van zogenaamde gereguleerde stoffen. Ook geeft de verordening een grondslag voor eisen aan inspectie en onderhoud en aan diplomering van personen die met gereguleerde stoffen mogen werken.

De HFK's, voluit: fluorkoolwaterstoffen, hebben een sterk broeikaseffect. De Europese F-gassenverordening stelt vergelijkbare regels aan inspectie en onderhoud en diplomering. Vooralsnog is geen sprake van een uitfasering van HFK's.

De natuurlijke koudemiddelen hebben de negatieve milieueffecten van synthetische koudemiddelen in geval van lekkage niet. In de meeste toepassingen blijken systemen met natuurlijke koudemiddelen minder energie te verbruiken dan systemen met synthetische koudemiddelen. Vanuit milieuoogpunt zijn de natuurlijke koudemiddelen daarom een beter alternatief. Om die reden zijn er ook subsidieregelingen die het overgaan op natuurlijke koudemiddelen stimuleren.

Moderne ammoniak installaties bij de bedrijven hebben een veel geringere ammoniak-inhoud dan in het verleden; meestal worden NH3 en CO2 gecombineerd (cascade systemen). Slechts in bijzondere gevallen zal de ammoniakinhoud in de richting van 1000 à 1500 kg gaan

Bij het gebruik van 1500 kg of meer aan ammoniak als natuurlijk koudemiddel gelden er wel nog specifieke eisen aan de afstand tot woningen.

Diplomering en bedrijfscertificaten

Installateurs en onderhoudsmonteurs van stationaire koelinstallaties met synthetische koudemiddelen moeten op grond van de Ozonverordening en F-gassenverordening beschikken over de juiste opleiding en bedrijfscertificaten. De STEK-erkenning vervalt met ingang van 1 januari 2010.

Toezicht

Vanwege de verscheidenheid aan milieuregels die op het gebruik van koudemiddelen in koelinstallaties van toepassing is, is toezicht en handhaving niet eenvoudig. Daarom is er een aparte pagina gemaakt waarin de belangrijkste handhavingspunten zijn samengevat, zoveel mogelijk voorzien van verwijzingen naar artikelnummers en achtergrondinformatie.

lucht
 

Kenniscentrum InfoMil