6.5 herleidingen en correcties van meetwaarden
Stookinstallaties
Inhoud pagina: 6.5 herleidingen en correcties van meetwaarden
Standaard rookgascondities
De NOx -, SO2 - en stofconcentraties in rookgassen zijn afhankelijk van het vocht- en zuurstofgehalte van de rookgassen alsmede de heersende temperatuur en druk. Om op een eenduidige wijze te kunnen toetsen aan de emissie-eisen moeten de gemeten concentraties worden herleid naar standaardcondities. Deze standaardcondities zijn:
| Zuurstofgehalte: | 6 vol% O2 (droog) bij stoken van vaste brandstoffen; 3 vol% O2 (droog) bij stoken van andere brandstoffen; |
|---|---|
| Vochtgehalte: | 0 vol% H2O, d.i. droog rookgas; |
| Temperatuur: | 273 K; |
| Druk: | 101,3 kPa. |
De formules voor deze herleidingen zijn te vinden in paragraaf 4.3.4 van de handleiding "Meten van luchtemissies" van InfoMil. Deze paragraaf geeft ook de formule voor de herleiding van gemeten emissieconcentraties van zuigermotoren, gasturbine en gasturbine-installaties naar de aan de brandstofinput gerelateerde emissie in g/GJ.
Verbrandingsluchtcondities
De NOx-emissie van zuigermotoren, gasturbine en gasturbine-installaties is afhankelijk van de verbrandingsluchtcondities. Daarom worden de gemeten emissies voor toetsing eerst teruggerekend naar ISO-luchtcondities. Dit zijn een temperatuur van 288 K, een druk van 101,3 kPa en een relatieve vochtigheid van 60%. Hiervoor wordt de volgende empirische formule toegepast:
E = Em*(101,3/Pm)1/2 *(Tm/288) -1,53*e19(Xm - 0,0063)
waarbij wordt verstaan onder:
E = stikstofoxidenuitworp (g/GJ) herleid tot ISO-luchtcondities;
Em = gemeten stikstofoxidenuitworp (g/GJ);
Pm = gemeten atmosferische druk bij de inlaat van de compressor (kPa);
Tm = temperatuur van de inlaatlucht (Kelvin);
xm = gemeten vochtgehalte van de inlaatlucht (in kg water per kg droge lucht).
De correctie op de emissie voor de verbrandingsluchtcondities mag niet worden toegepast voor gasturbine en gasturbine-installaties die zijn vergund na 27 november 2002.
Bij een zuigermotor mag, indien de temperatuur van de aangezogen lucht lager is dan 288 K en de vochtigheid van de aangezogen lucht hoger is dan 0,0063 kg water per kg lucht, de gemeten waarde gelijk worden gesteld aan de naar de ISO-luchtcondities gecorrigeerde waarde. In andere gevallen mag 95% van de gemeten waarde gelijk worden gesteld aan de naar ISO-luchtcondities gecorrigeerde waarde.
Andere correctiemethoden voor de verbrandingsluchtcondities mogen ook worden gebruikt indien wordt aangetoond dat die correctie een nauwkeuriger resultaat oplevert.
Van NO en NO2 naar NOx
In rookgassen komt naast NO ook NO2 voor. Omdat onder atmosferische condities NO wordt omgezet in NO2, is er voor gekozen om de NO-concentratie in rookgassen uit te drukken als NO2. Dit betekent dat voor zowel NO als NO2 een factor van 2,054 wordt gebruikt voor de omrekening van vppm naar mg/m03.
Wanneer bij een installatie uitsluitend een continue meting van NO plaats vindt, is dit toegestaan indien het betreffende meetinstrument wordt gekalibreerd (QAL2 procedure) ten opzichte van een NOx-meting.

