Landbouw - Actieplan ammoniak - (groot)ouderdieren van legkippen

Landbouw - Actieplan ammoniak - (groot)ouderdieren van legkippen

Inhoud pagina: Landbouw - Actieplan ammoniak - (groot)ouderdieren van legkippen

Vraag

Hoe moet worden omgegaan met bedrijven die (groot)ouderdieren van legkippen houden?

Antwoord

Bedrijven met (groot)ouderdieren van legkippen moeten een BOP indienen om mee te kunnen doen met het gedoogbeleid. De aanvraag voor een omgevingsvergunning kan uitgesteld worden totdat het onderzoek naar toepasbare emissiearme huisvestingssystemen voor deze specifieke groep is afgerond.

Probleemstelling

Bij de totstandkoming van het actieplan Ammoniak Veehouderij is door de pluimveesector, de NVP en LTO Nederland, naar voren gebracht dat de bestaande emissiearme huisvesting voor legkippen in veel gevallen niet geschikt is voor het huisvesten van (groot)ouderdieren van legkippen. De eisen van het Besluit huisvesting kunnen daarom volgens de sector niet zonder meer op deze vermeerderingsbedrijven worden toegepast.

Toelichting

Naar aanleiding daarvan hebben de ministeries van LNV en VROM aan ASG van Wageningen Universiteit gevraagd onderzoek te doen naar deze problematiek en de ministeries op basis van de onderzoeksresultaten te adviseren over de toepassing van emissiearme huisvesting bij deze categorie bedrijven.

Eind juni 2010 zijn de eerste onderzoeksresultaten beschikbaar gekomen. Daaruit blijkt inderdaad dat niet alle in de Regeling ammoniak en veehouderij opgenomen emissiearme systemen voor de diercategorie E 2 (legkippen en (groot)ouderdieren van legrassen) geschikt zijn voor toepassing in bedrijven met (groot)ouderdieren (vermeerderings-bedrijven). Het betreft in totaal 57 gespecialiseerde bedrijven met in totaal circa 737.000 dieren. Vergeleken met de legkippenbedrijven gaat het om relatief kleine bedrijven (gemiddeld ongeveer 13.000 dieren) met veelal oudere, traditionele stallen. Momenteel is slechts 16% (115.000) van de dieren gehuisvest in emissiearme systemen. Op basis van de eerste resultaten lijkt het dat er ook voor ouderdieren geschikte emissiearme huisvestingsystemen zijn, met name de volièresystemen. Deze worden momenteel in de praktijk uitgeprobeerd. Daarnaast zijn er ontwikkelingen die tot nieuwe systemen, specifiek voor toepassing bij vermeerderingsbedrijven kunnen leiden. Definitieve conclusies kunnen echter pas getrokken worden na afronding van het onderzoek, waarschijnlijk medio september 2010.

Advies

Zolang bovengenoemd onderzoek en de besluitvorming daarover niet is afgerond, wordt de gemeenten geadviseerd deze bedrijven uitstel te verlenen van het indienen van een vergunningaanvraag (een deel van deze bedrijven moest op grond van het actieplan reeds vóór 1 juli 2010 een vergunningaanvraag indienen). Daarbij is in aanmerking genomen dat het een beperkt aantal bedrijven betreft. Waarschijnlijk gaat het om minder dan 30 bedrijven met een totale ammoniakemissie van minder dan 0,2 kiloton. De overige (circa 20) vermeerderingsbedrijven hebben namelijk 10.000 of minder dieren en daarop is het actieplan niet van toepassing (deze kleine bedrijven hoeven namelijk op grond van het Besluit huisvesting pas per 1 januari 2013 aan het besluit te voldoen en vallen dus niet onder het gedoogbeleid).

Dit uitstel geldt overigens niet voor het indienen van een bedrijfsontwikkelingsplan (BOP). Door het indienen van een BOP geeft de veehouder immers aan dat hij voor het gedoogbeleid in aanmerking wenst te komen. Indien de betrokken veehouder momenteel nog geen keuze kan of wil maken ten aanzien van de toe te passen emissiearme huisvesting, kan hij volstaan met te verwijzen naar het lopende onderzoek hierover. Zodra het onderzoek en de besluitvorming daarover is afgerond, dienen de betreffende veehouders hun BOP dan alsnog aan te vullen.

De uitkomsten van de besluitvorming zullen te zijner tijd op de website van InfoMil bekend worden gemaakt.

agrarisch
 

Kenniscentrum InfoMil