Landbouw - Overige : Beoordeling ziekenboeg/afleverruimte voor stank en ammoniak
Inhoud pagina: Landbouw - Overige : Beoordeling ziekenboeg/afleverruimte voor stank en ammoniak
Vraag
Hoe moeten ruimtes waar dieren tijdelijk aanwezig zijn, worden beoordeeld ten aanzien van geur en ammoniak ?
Antwoord
Een agrarisch bedrijf heeft vaak ruimtes waar dieren tijdelijk verblijven, zoals een ziekenboeg, een afleverruimte of een binnenbak. Bij geur en ammoniak is de vraag of gemeten moet worden vanaf de ziekenboeg (of andere ruimte). Bij met name ammoniak zijn daarnaast nog relevante vragen of een ziekenboeg wel of niet wordt meegeteld voor het bepalen van het hokoppervlak en of de ammoniakemissie van de ziekenboeg apart moet worden meegeteld.
Afstandsmeting - geur
Ook ten aanzien van de afstandsmeting voor stank met betrekking tot andere ruimtes dan een ziekenboeg, waar dieren tijdelijk aanwezig zijn, zijn er uitspraken gedaan. Het criterium lijkt de vraag te zijn of de ruimtes min of meer permanent worden gebruikt of niet.
Voor geur is bepaald door de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna de Raad van State) dat een ziekenboeg moet worden meegenomen in de afstandsmeting, zie ABRvS, 200201107/1, 2 oktober 2002, Wierden. Dat de ziekenboeg weinig intensief werd gebruikt, maakte dit niet anders. Ook in ABRvS, E03.97.0555, 28 oktober 1999, Druten, kwam de Raad van State tot dat oordeel. Ook als de vergunninghouder zich er voor inspant om de ziekenboeg zo leeg mogelijk te houden, was aannelijk dat daarin nagenoeg permanent wel enige varkens aanwezig zullen zijn.
Een quarantainehok moet worden meegenomen in de afstandsmeting, ABRvS, 200205583/1, 23 april 2003, Reusel-De Mierden. Een gaanderij voor geiten telde ook mee in de afstandsmeting, ABRvS, E03.96.0810, 6 september 1998, Loon op Zand.
Een wachtruimte die met de stal een aaneengesloten ruimte vormde werd ten onrechte buiten beschouwing gelaten. Omdat de geur vanuit de stal zich ook in de wachtruimte zal verspreiden en via de zich daar bevindende emissiepunten de stal zal kunnen verlaten. Daarom had het college onvoldoende gemotiveerd waarom een verkleining van de afstand in de reeds bestaande overbelaste situatie niet leidt tot een toename van geurhinder. Zie uitspraak ABRvS, 200806476/1/M2, 29 juli 2009
Een afleverstal waar pasgeboren kalveren gedurende een periode van 10 tot 14 dagen verbleven, alvorens zij buiten de inrichting werden afgevoerd met een wekelijkse bezetting van 0 tot 15 stuks, was echter ten onrechte buiten beschouwing gelaten, ABRvS, 200406930/1, 2 februari 2005. Als het bedrijf alléén bestaat uit dergelijke afleverruimtes, moet gemeten vanaf deze ruimtes, zie Vz ABRvS, 200001675/1, 20 juni 2000, Waalwijk. Het ging hier om een overlaadstation (een veehandelaar) voor nuchtere kalveren. De inrichting was bestemd voor het tijdelijk stallen, verladen en vervoeren van maximaal 200 nuchtere kalveren. De nuchtere kalveren werden gestald in de periode vanaf dinsdag 12.00 uur tot en met donderdag 19.00 uur. Dat de inrichting werd terecht aangemerkt als een intensieve veehouderij vanwege het aantal dieren. Terecht was de vergunning geweigerd omdat niet werd voldaan aan de afstanden ingevolge de Richtlijn 1996 en Brochure 1985.
Niet alle afleverruimten hoeven worden meegenomen in de afstandsmeting. Zie ABRvS, 200201107/1, 2 oktober 2002, Wierden en ABRvS, 199901002/1, 27 februari 2002.
Een behandelingsruimte voor paarden werd niet als emissiepunt aangemerkt door de Raad van State: ABRvS, 200408681/1, 18 mei 2005, Pijnacker-Nootdorp. Deze ruimte was niet ingericht als verblijfsruimte en er waren kortstondig één a twee paarden aanwezig. In een geval waarbij in de bedrijfshal van de inrichting varkens in vrachtwagens werden overgeladen en waarbij geen voorzieningen zijn om de dieren voor een langere tijd te kunnen houden en van voer te kunnen voorzien, oordeelde de Voorzitter dat niet voor onaanvaardbare stankhinder door de aanwezigheid van varkens binnen de inrichting behoefde te worden gevreesd (Vz ABRvS, 200409085/2, 11 februari 2005, Alphen-Chaam).
Een binnenbak bij een manege kon bij de afstandsmeting buiten beschouwing blijven. De paarden konden vanuit de stal de binnenbak niet betreden en werden alleen voor het rijden naar de binnenbak gebracht. De mest werd na afloop van het rijden onmiddellijk verwijderd, ABRvS, 199900466/1, 15 maart 2001, Veendam, M&R 2001/104K.
Berekening van geurhinder
Wat betreft de vraag of de dieren die in een ziekenboeg staan apart moeten worden meegenomen bij de berekening van stankhinder (bijvoorbeeld in aantalmve's of ou) is geen (eenduidige) jurisprudentie.
Afstandsmeting - ammoniak
Wat betreft ammoniak moet onder de Wav worden gemeten vanaf de uiterste rand van het dierenverblijf. De Raad van State concludeerde dat een ziekenboeg een stal is waarin (zieke) dieren worden gehouden, ABRvS, 200201107/1, 2 oktober 2002, Wierden. Een ziekenboeg is een dierenverblijf en moet worden meegenomen in de afstandsmeting.
Bepalen hokoppervlak
Voor het berekenen van het hokoppervlak (hetgeen gevolgen kan hebben voor de geldende emissiefactor voor ammoniak) hoeven de dieren in de ziekenboeg niet apart te worden meegeteld. Dit blijkt uit ABRvS, 200100209/1, 7 november 2001, Didam, JM 2002-1/7. De vraag was of het hokoppervlak in dit geval meer of minder dan 0,8 vierkante meter per dier bedroeg. Volgens appellanten moest voor het berekenen van het hokoppervlak ook het hokoppervlak van de ziekenboeg worden meegenomen. De Raad van State oordeelde dat dit terecht niet was gedaan. Het ging om het oppervlak van de afdelingen in de stallen. Zie ook de uitspraak 200405421/1, 9 februari 2005, Oischot. Gelet op de omstandigheid dat zieke dieren slechts tijdelijk in de ziekenboeg worden geplaatst en na genezing weer naar hun hok terugkeren, is de ziekenboeg niet bedoeld voor reguliere huisvesting en zijn de varkens in de ziekenboeg al meegerekend voor het bepalen van de ammoniakemissie. De ziekenboeg hoeft niet te worden meegenomen in het bepalen van het emitterend oppervlak voor de varkens.
Berekenen ammoniakemissie
De dieren in de ziekenboeg hoeven niet te worden meegeteld voor het berekenen van de ammoniakemissie van het bedrijf. Dit blijkt eveneens uit bovengenoemde uitspraak in Didam. In de ziekenboeg worden alleen dieren gehouden die normaliter in de afdelingen verblijven. Na genezing keren de dieren weer terug naar hun hok. Met deze dieren is bij de emissieberekening reeds rekening gehouden zodat ze niet nogmaals apart hoeven te worden meegeteld.
In ABRvS, 200101052/1, 28 december 2001, Epe, niet gepubliceerd, kwam de Afdeling tot hetzelfde oordeel maar met een andere redenering. De dieren in de ziekenstal lagen op een traditioneel systeem met stro. Normaal gesproken staan de dieren in Groen-Labelstallen. Er was geen mestkelder aanwezig en de mest, waarvan de hoeveelheid geringer zal zijn dan van gezonde dieren, wordt samen met het stro dagelijks uit de stal verwijderd. Gelet op het zeldzame en beperkte gebruik van de ziekenstal, het feit dat de mest dagelijks wordt verwijderd en de lagere voeropname van de zieke dieren zal een eventuele verhoging van de ammoniakemissie gering zijn. De dieren hoefden niet nog een keer te worden betrokken in de ammoniakemissieberekening.
In ABRvS, 200000896/1, 29 augustus 2001, Swalmen, M&R 2001-12/254K, oordeelde de Raad van State anders. In dat geval moest de ziekenboeg wél worden meegenomen voor de berekening van ammoniakemissie en depositie. De ziekenboeg was niet uitgevoerd als een Groen-Labelstalsysteem. Dat in onderhavige zaak in de ziekenboeg slechts plaats is voor een gering aantal dieren maakt dit thans niet anders.
De jurisprudentie hierover vertoont dus niet één lijn.
In ABRvS 200907569/1/R2, 29 september 2011 bepaalde de Raad van Sate dat een binnenrijhal geen dierenverblijf is als bedoeld in art. 1 Wav, aangezien deze niet dient voor het houden van dieren, maar voor het africhten, trainen en berijden van paarden en pony's dan wel het anderszins beoefenen van de paardensport gedurende een beperkte tijd per dag.
Richtlijn Veehouderij en Stankhinder 1996
Brochure Veehouderij en Hinderwet 1985
Milieu en Recht
mestvarkeneenheid
Jurisprudentie Milieurecht

