Vergunningverlening Wet geurhinder en veehouderij
Geur en veehouderijen
Inhoud pagina: Vergunningverlening Wet geurhinder en veehouderij
De Wet geurhinder en veehouderij geeft twee methoden voor de beoordeling van de geur van een veehouderij. Als de geuremissie van een dier bekend is, wordt met het verspreidingsmodel V-Stacks vergunning de geurbelasting op een geurgevoelig object (zoals een woning) berekend. De geurbelasting op het geurgevoelig object wordt getoetst aan de normen (in de wet 'waarden' genoemd). Als de geuremissie van een dier niet bekend is, stelt de wet minimumafstanden tussen de veehouderij en een geurgevoelig object. De geuremissies per dier en de minimumafstanden voor pelsdieren zijn opgenomen in de Regeling geurhinder en veehouderij.
De berekening van de geurbelasting bestaat uit drie stappen:
- Geuremissie per dier x aantal dieren = geuremissie vanuit dierenverblijf.
- Geuremissie vanuit dierenverblijf x aantal dierenverblijven = geuremissie vanuit veehouderij.
- Geuremissie vanuit veehouderij ingevoerd in het verspreidingsmodel = geurbelasting op geurgevoelig object.
De emissie van geurstoffen uit een veehouderijbedrijf wordt uitgedrukt in Europese odour units (Europese 'geureenheden') per tijdseenheid (ouE/s). Hiervoor zijn emissiefactoren vastgelegd in de Regeling geurhinder en veehouderij. De regeling is op 18 december 2006 gepubliceerd (Staatscourant nr. 246).
De geurbelasting wordt berekend met behulp van het verspreidingsmodel V-stacks vergunning. De berekende geurbelasting wordt getoetst aan de norm (de maximale belasting die het bedrijf mag veroorzaken). De wet stelt in artikel 3 vier standaardnormen: voor concentratiegebieden / niet-concentratiegebieden en bebouwde kom / buiten de bebouwde kom.

