Wijziging van het Besluit milieueffectrapportage
Milieueffectrapportage
Inhoud pagina: Wijziging van het Besluit milieueffectrapportage
Op 28 februari is het Besluit tot wijziging van het Besluit milieueffectrapportage en het Besluit omgevingsrecht (reparatie en modernisering milieueffectrapportage) (Staatsblad 102, jaargang 2011) gepubliceerd. Dit besluit treedt in werking per 1 april 2011.
Het wijzigingsbesluit is ook van invloed op inrichtingen die onder de werking van het Activiteitenbesluit vallen. Meer informatie hierover vindt u in het nieuwsbericht Gevolgen Wijzigingsbesluit reparatie en modernisering mer voor Activiteitenbesluit inrichtingen.
Met deze wijziging van het Besluit milieueffectrapportage wordt in de eerste plaats uitvoering gegeven aan het arrest van het Hof van Justitie van de EU van 15 oktober 2009 (Commissie tegen Nederland, zaak C-255/08).
Daarnaast wordt met deze wijziging uitvoering gegeven aan de reeds eerder toegezegde modernisering van het Besluit mer, zoals opgenomen in de brief van de toenmalige Staatssecretaris van VROM aan de Tweede kamer over het toekomstige stelsel voor milieu-effectbeoordeling (Kamerstukken II, 2004/05, 29 383, nr 25, pagina 11).
Wijzigingen
Er zijn vier soorten wijzigingen:
- De eerste betreft het indicatief maken van de drempelwaarden in onderdeel D (betreft de mer-beoordeling) van de bijlage bij het Besluit mer.
Het bevoegd gezag zal zich er voortaan van moeten vergewissen of de activiteiten in dit onderdeel ook beneden de drempel geen aanzienlijke milieugevolgen kunnen hebben. Daarbij zijn in het bijzonder de omstandigheden als bedoeld in bijlage III van de richtlijn van belang. Deze omstandigheden betreffen onder andere de kenmerken van de potentiële effecten en cumulatie. Op grond van artikel 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht dient het bevoegd gezag zijn eventuele keuze tegen een mer-beoordeling voor een activiteit die beneden de drempelwaarde valt, te motiveren in de overwegingen van het moeder-besluit.
In een handreiking zal worden uitgewerkt hoe het bevoegd gezag om kan gaan met de indicatieve beoordelingsdrempels en de toets aan de selectiecriteria van bijlage III van de richtlijn. - De tweede wijziging is het aanpassen van omschrijvingen in het Besluit mer aan de richtlijn.
De terminologie van de activiteiten sluit voortaan zo dicht mogelijk aan bij de terminologie van de richtlijn. Hiermee worden tevens soms onbedoelde koppen op de richtlijn geschrapt. - De derde wijziging is het laten vervallen van koppen in onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit mer. Dit is een onderdeel van de modernisering van het Besluit mer.
In beginsel worden de koppen op de richtlijn geheel geschrapt, op enkele uitzonderingen na vanwege zwaarwegende redenen. Deze uitzonderingen worden bij de betreffende categorieën gemotiveerd. - De vierde wijziging betreft aanpassingen die als gevolg van praktijkproblemen wenselijk zijn.
Ten slotte zijn enkele onduidelijkheden die de toepassing van het Besluit mer in de praktijk veroorzaakte weggewerkt .
Overgangsrecht
In artikel IV van het Besluit tot wijziging van het Besluit milieueffectrapportage en het Besluit omgevingsrecht is het overgangsrecht geregeld. Op de webpagina "Overgangsrecht Wijziging besluit m.e.r." vindt u meer informatie over het overgangsrecht.

