15.5 Bestemmingsplan

15.5 Bestemmingsplan

Ruimtelijke ordening en milieu

Inhoud pagina: 15.5 Bestemmingsplan

Het bestemmingsplan heeft in de Merregelgeving een aparte positie. Het bestemmingsplan kan namelijk planMER-plichtig zijn op basis van artikel 7.2a Wm (passende beoordeling op grond van de Nb-wet nodig) of op basis van voorkomen in kolom 3 (plannen) van de onderdelen C en D Besluit milieueffectrapportage. En het bestemmingsplan kan besluitMERplichtig zijn op basis van voorkomen in kolom 4 (besluiten) van de onderdelen C en D van Besluit Mer. Om die reden worden in deze paragraaf de procedures voor het "Bestemmingsplan als plan" en "Bestemmingsplan als besluit" apart besproken.
NB. In het kader van de MER-regelgeving wordt een inpassingsplan gelijkgesteld met een bestemmingsplan.

Dat het bestemmingsplan ook in kolom 4 van de bijlage terug te vinden is komt doordat er activiteiten zijn waarbij het bestemmingsplan het laatste besluit is waarin de milieueffecten van die activiteit (in zijn geheel) beoordeeld worden en waar een milieueffectrapport gewenst is.

Enkele voorbeelden hiervan zijn:

  • de inrichting van het landelijk gebied (cat. D9)
  • de aanleg van recreatieve of toeristische voorzieningen (cat. D10.1)
  • de aanleg van een bedrijventerrein (cat. D11.3)

Bestemmingsplan als plan

Een bestemmingsplan is in veel gevallen het kaderstellend plan voor nog een later te nemen besluit, bijvoorbeeld een omgevingsvergunning (milieuvergunning oud). In veel categorieën is het bestemmingsplan dan ook opgenomen in kolom 3 van de onderdelen C en D van het Besluit Mer. Natuurlijk kan een bestemmingsplan ook (plan)merplichtig zijn op basis van artikel 7.2a Wm (passende beoordeling op grond van de Nb-wet nodig) .

In sommige gevallen is het bestemmingsplan het kader voor een later op te stellen bestemmingsplan. Bijvoorbeeld een bestemmingsplan waarin een hierboven genoemde activiteit globaal is beschreven en pas na het uitoefenen van een wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht kan worden gerealiseerd. Het op te stellen wijzigingsplan of uitwerkingsplan wordt dan aangemerkt als besluit.

In de Wro zijn procedurele aspecten voor het bestemmingsplan vastgelegd. Is het bestemmingsplan planMERplichtig dan moet ook worden voldaan aan § 7.4 (De voorbereiding van een milieueffectrapport dat betrekking heeft op een plan). In tabel 5 zijn schematisch de procedurestappen weergegeven die gelden voor een bestemmingsplan en een (plan)merplichtig bestemmingsplan.

Tabel 5. Een vergelijking in procedurestappen tussen een bestemmingsplan en een planMERplichtig bestemmingsplan

Bestemmingsplan zonder MER

Bestemmingsplan met planMER

 

 

Kennisgeving voornemen tot voorbereiding van een plan (artikel 1.3.1 Bro), terinzagelegging van stukken en zienswijze niet verplicht.

Kennisgeving voornemen tot voorbereiding van een plan (artikel 7.9 Wm), terinzagelegging en zienswijze wel verplicht. Aangeven wie zienswijzen kunnen indienen, op welke wijze en binnen welke termijn. Ook aangeven of Commissie voor de m.e.r. advies over voornemen wordt gevraagd, of dat er sprake is van een plan met een activiteit die plaatsvindt in de ecologische hoofdstructuur.

Overleg met bestuursorganen en diensten (artikel 3.1.1 Bro)

Overleg met bestuursorganen en diensten (artikel 3.1.1 Bro).
Raadplegen adviseurs en bestuursorganen over reikwijdte en detailniveau van te maken MER (artikel 7.8 Wm).

Opstellen bestemmingsplan met toelichting (artikel 3.1.6 Bro)

Opstellen bestemmingsplan met toelichting (artikel 3.1.6 Bro) en MER.

Terinzagelegging van ontwerp bestemmingsplan. Mogelijkheid voor zienswijze voor een ieder m.b.t. ontwerp bestemmingsplan (artikel 3.8 Wro).

Terinzagelegging van ontwerp bestemmingsplan en planMER. Mogelijkheid voor zienswijze voor een ieder m.b.t. ontwerp bestemmingsplan (artikel 3.8 Wro) en MER (artikel 7.11 Wm).

 

Advies van Commissie voor de m.e.r. over het MER (artikel 7.12 Wm). Hiervoor zelfde termijn als zienswijze.

Zienswijzen verwerken

In bestemmingsplan overwegingen opnemen over planMER en advies Commissie voor de m.e.r. (artikel 7.14 Wm).
Zienswijzen verwerken

Bekendmaken besluit tot vaststelling bestemmingsplan (artikel 3.8 Wro)

Bekendmaken besluit tot vaststelling bestemmingsplan (artikel 3.8 Wro)


Bestemmingsplan als besluit

Wanneer naar bijlage C en D wordt gekeken dan staat het bestemmingsplan in een aantal gevallen ook in kolom 4. In die gevallen is het bestemmingsplan dus het laatste besluit waarin voor de desbetreffende activiteiten (in specifieke gevallen) een milieubeoordeling plaats vindt. Uitgangspunt bij het opstellen van een bestemmingsplan is dat de realisatie van de genoemde activiteit direct na vaststelling van het bestemmingsplan kan aanvangen.

In de Wro zijn er procedurele aspecten voor het bestemmingsplan vastgelegd. Is het bestemmingsplan besluitMERplichtig dan moet ook worden voldaan aan § 7.9 (De voorbereiding van een milieueffectrapport dat betrekking heeft op een besluit). In tabel 6 zijn schematisch de procedurestappen weergegeven die gelden voor een bestemmingsplan en een (plan)merplichtig bestemmingsplan.

Tabel 6. Een vergelijking in procedurestappen tussen een bestemmingsplan, een (plan)merplichtig bestemmingsplan en een (besluit)merplichtig bestemmingsplan

Bestemmingsplan zonder MER

Bestemmingsplan met besluitMER

 

 

Kennisgeving voornemen tot voorbereiding van een plan (artikel 1.3.1 Bro), terinzagelegging van stukken en zienswijze niet verplicht.

Kennisgeving voornemen tot voorbereiding van een besluit (artikel 7.27 Wm), terinzagelegging en zienswijze wel verplicht. Aangeven wie zienswijzen kunnen indienen, op welke wijze en binnen welke termijn. Ook aangeven of Commissie voor de m.e.r.of een andere onafhankelijke instantie advies over voornemen wordt gevraagd of het een activiteit betreft waarvoor een passende beoordeling moet worden gemaakt.

Overleg met bestuursorganen en diensten (artikel 3.1.1 Bro)

Overleg met bestuursorganen en diensten (artikel 3.1.1 Bro).
Raadplegen adviseurs en bestuursorganen over reikwijdte en detailniveau van te maken MER (artikel 7.27 Wm).

Opstellen bestemmingsplan met toelichting (artikel 3.1.6 Bro)

Opstellen bestemmingsplan met toelichting (artikel 3.1.6 Bro) en MER.

Terinzagelegging van ontwerp bestemmingsplan. Mogelijkheid voor zienswijze voor een ieder m.b.t. ontwerp bestemmingsplan (artikel 3.8 Wro).

Terinzagelegging van ontwerp bestemmingsplan en besluitMER. Mogelijkheid voor zienswijze voor een ieder m.b.t. ontwerp bestemmingsplan (artikel 3.8 Wro) en MER (artikel 7.32 Wm).

 

Advies van Commissie voor de m.e.r. over het MER als tevens passende beoordeling moet worden gemaakt (artikel 7.32 Wm). Hiervoor zelfde termijn als zienswijze.

Zienswijzen verwerken

In bestemmingsplan overwegingen opnemen over planMER en advies Commissie voor de m.e.r. (artikel 7.37 Wm).
Zienswijzen verwerken

Bekendmaken besluit tot vaststelling bestemmingsplan (artikel 3.8 Wro)

Bekendmaken besluit tot vaststelling bestemmingsplan (artikel 3.8 Wro)

NB. Uit tabel 3 en 4 blijkt ook dat de procedure voor een (plan)merplichtig bestemmingsplan (geregeld in § 7.4 Wm) en de procedure voor een (besluit)merplichtig bestemmingsplan (geregeld in § 7.9 Wm) materieel gelijk is. Dat de wetteksten tussen beide paragrafen verschillen komt doordat § 7.9 Wm moet aansluiten op veel verschillende wetten.
De procedures uit § 7.4 Wm en § 7.9 Wm) worden aangeduid als de "uitgebreide" procedure.


De inhoud van een MER bij een bestemmingsplan als plan of als besluit

Voor de inhoud van het MER bij een bestemmingsplan als plan en bij een bestemmingsplan als besluit gelden in grote lijnen dezelfde verplichtingen. In tabel 7 zijn de eisen die aan het MER worden gesteld weergegeven. De afwijkende verplichtingen ten aanzien van het MER bij een bestemmingsplan als besluit zijn onderstreept.

Tabel 7 Algemene eisen aan een MER dat betrekking heeft op een bestemmingsplan als plan (artikel 7.7 Wm) en een bestemmingsplan als besluit (artikel 7.23 Wm)

 

Minimale eisen planMER (artikel 7.7 Wm)

Minimale eisen besluitMER (artikel 7.23 Wm)

 

 

 

a.

Beschrijving van hetgeen met de voorgenomen activiteit wordt beoogd.

Beschrijving van hetgeen met de voorgenomen activiteit wordt beoogd.

b.

Beschrijving van de voorgenomen activiteit en de alternatieven die redelijkerwijs in beschouwing moeten worden genomen en de motivering voor de keuze van de alternatieven.

Beschrijving van de voorgenomen activiteit, de wijze waarop deze zal worden uitgevoerd, en de alternatieven die redelijkerwijs in beschouwing moeten worden genomen en de motivering voor de keuze van de alternatieven.

c.

Overzicht van eerder vastgestelde plannen die betrekking hebben op de voorgenomen activiteit en de beschreven alternatieven.

Een aanduiding van het besluit of de besluiten ten behoeve waarvan het MER wordt gemaat, Overzicht van eerder genomen beslissingen die betrekking hebben op de voorgenomen activiteit en de beschreven alternatieven.

d.

Een beschrijving van de bestaande toestand van het milieu, voor zover de voorgenomen activiteit of de beschreven alternatieven daarvoor gevolgen kunnen hebben, en de te verwachten ontwikkeling van dat milieu, indien de activiteit noch de alternatieven worden ondernomen.

Een beschrijving van de bestaande toestand van het milieu, voor zover de voorgenomen activiteit of de beschreven alternatieven daarvoor gevolgen kunnen hebben, en de te verwachten ontwikkeling van dat milieu, indien de activiteit noch de alternatieven worden ondernomen.

e.

Een beschrijving van de gevolgen voor het milieu, die de activiteit, of de beschreven alternatieven kunnen hebben, en een motivering van de wijze waarop deze gevolgen zijn bepaald en beschreven.

Een beschrijving van de gevolgen voor het milieu, die de activiteit, of de beschreven alternatieven kunnen hebben, en een motivering van de wijze waarop deze gevolgen zijn bepaald en beschreven.

f.

Een vergelijking van de te verwachten ontwikkeling van het milieu met de beschreven gevolgen voor het milieu van de voorgenomen activiteit en met de beschreven mogelijke gevolgen van de alternatieven.

Een vergelijking van de te verwachten ontwikkeling van het milieu met de beschreven gevolgen voor het milieu van de voorgenomen activiteit en met de beschreven mogelijke gevolgen van de alternatieven.

g.

Een beschrijving van de maatregelen om belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu van de activiteit te voorkomen, te beperken of zoveel mogelijk teniet te doen.

Een beschrijving van de maatregelen om belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu van de activiteit te voorkomen, te beperken of zoveel mogelijk teniet te doen.

h.

Een overzicht van de leemten in de beschrijvingen van de bestaande toestand van het milieu en de gevolgen voor het milieu en ten gevolge van het ontbreken van benodigde gegevens.

Een overzicht van de leemten in de beschrijvingen van de bestaande toestand van het milieu en de gevolgen voor het milieu en ten gevolge van het ontbreken van benodigde gegevens.

i.

Een samenvatting die aan een algemeen publiek voldoende inzicht geeft voor de beoordeling van het milieueffectrapport.

Een samenvatting die aan een algemeen publiek voldoende inzicht geeft voor de beoordeling van het milieueffectrapport.

j.

 

De gegevens die zijn aangewezen in bijlage IV van de EEG-richtlijn milieu-effectbeoordeling, voorzover deze niet op grond van de bovengenoemde onderdelen al zijn opgenomen.

De eisen die gelden ten aanzien van het MER bij een bestemmingsplan als plan zijn identiek aan de eisen aan het MER bij een structuurvisie. Ook de eisen voor het MER bij een bestemmingsplan als plan en een bestemmingsplan als besluit zijn vrijwel gelijk. Er zal wel verschil optreden in het detailniveau en de reikwijdte van het MER. Het MER moet altijd passen bij het detailniveau van het plan of besluit waarbij het wordt gemaakt.

leefomgeving
 

Kenniscentrum InfoMil