Bedrijven in het buitengebied
Ruimtelijke ordening en milieu
Inhoud pagina: Bedrijven in het buitengebied
In het landelijk gebied bevinden zich van oudsher vooral kleinschalige agrarische bedrijven. Doordat veel agrarische bedrijven om allerlei redenen stoppen is er een veranderingsproces op gang gekomen: bestaande agrarische bedrijven breiden zich uit en nieuwe bedrijven vestigen zich. Voor veel bedrijven is het buitengebied een aantrekkelijke plek om zich te vestigen omdat de grondprijs hier vele malen lager is dan in stedelijk gebied.
Een van de ontwikkelingen betreft de schaalvergroting van agrarische bedrijven, waarbij megastallen, kassencomplexen, grote loodsen en dergelijke worden opgericht. Hierdoor vervalt de kleinschalige structuur in het landelijk gebied.
Daarnaast hebben nogal wat bedrijven zich ontwikkeld van een kleinschalig bedrijfje ‘van plaatselijk verzorgende aard’ tot een groot bedrijf met regionaal, landelijk of zelfs internationaal karakter. De vestiging en uitbouw van deze bedrijven in het landelijk gebied kan vaak min of meer ongemerkt plaatsvinden.
De effecten van deze grootschalige bedrijven in het buitengebied kunnen aanzienlijk zijn:
- ruimtelijk/landschappelijk:
Vooral door de verschijningsvorm van de bedrijven (productiehallen, opslagloodsen, silo’s, onoverdekte opslag van bouwmaterialen, auto’s) zullen op veel vestigingsplaatsen in het landelijk gebied ongewenste ruimtelijke en landschappelijke effecten optreden en wel heel in het bijzonder bij locaties in gebieden met landschappelijke kwaliteiten, in open landschappen en in de Ecologische Hoofdstructuur; - verkeersaantrekking:
De bedrijfslocaties trekken over het algemeen ongewenste verkeersstromen aan, met inbegrip van zwaar vrachtverkeer. Dit veroorzaakt geluidhinder in het landelijk gebied, vermindering van de luchtkwaliteit, verkeersonveilige situaties, ongewenste belasting van het locale weggennet (dat hierop niet is berekend) en aantasting van natuurgebieden, die worden doorkruist; - milieu:
Bij bedrijfslocaties gaat het vooral om geluidsoverlast van de bedrijfsactiviteiten (extra verstorend in het relatief stille buitengebied), maar ook andere vormen van overlast, zoals licht, stof en geur.
Gezien de effecten moet worden geconcludeerd dat deze (groeiende) bedrijven niet altijd inpasbaar of wenselijk zijn in het landelijk gebied en vaak ook illegaal zijn. Veelal kunnen ongewenste milieueffecten worden beperkt door het verhuizen van bedrijven naar goed ontsloten en goed ingericht bedrijfsterreinen.
Bestemmingsregeling
Om het landelijk gebied te beschermen tegen ongewenste bedrijven en bedrijfsterreinen kan worden gestuurd door middel van vestigings- en uitbreidingsmogelijkheden. Daar waar bedrijven en bedrijfsterreinen gewenst zijn, worden voldoende vestigings- en uitbreidingsmogelijkheden gecreëerd, daar waar deze ontwikkelingen ongewenst zijn worden zij juist beperkt.
Een belangrijk instrument om te sturen op deze bedrijven is het bestemmingsplan. Met dit instrument wordt de mogelijkheid gecreëerd om bijvoorbeeld bedrijven te concentreren op bedrijfsterreinen of locaties aan te wijzen waar ontwikkelingen gewenst zijn. Hierbij moet uiteraard wel rekening worden gehouden met de gevoeligheid van de omgeving.
Verwijzingen
- Bedrijven en Milieuzonering, VNG, 2007
- Wet ruimtelijke ordening

