4.2 Toelichting

4.2 Toelichting

Ruimtelijke ordening en milieu

Inhoud pagina: 4.2 Toelichting

Inmiddels is (kunst)licht door maatschappelijke aandacht op de politieke agenda gekomen: Er zijn mogelijk ook nadelige gevolgen van kunstlicht, bij zowel mensen als de flora en fauna. Bij het ontwikkelen van een nieuw ruimtelijk plan moet ook rekening worden gehouden met diverse kunstlichtbronnen.

De achtergrond hiervan is onder meer het besef dat bij de uitvoering van de huidige plannen voor grote woningbouwlocaties, bedrijventerreinen en infrastructurele projecten, de toepassing van kunstlicht steeds meer toeneemt in nu nog relatief donkere gebieden van Nederland.

Kunstmatige verlichting komt voor bij (autosnel)wegen, fietspaden, woonkernen (dorpen en steden), industrie- en bedrijventerreinen, glastuinbouwbedrijven, sportterreinen (maneges, golfbanen, tennisbanen, voetbalvelden e.d.). De mogelijkheden voor kunstmatige verlichting kunnen gedeeltelijk worden vastgelegd in bestemmingsplannen. Voor een ander deel gebeurt dit in milieuvergunningen of is in Algemene Maatregelen van Bestuur vastgelegd hoe met kunstlicht omgegaan moet worden (Besluit glastuinbouw en Activiteitenbesluit).

Mensen

Mensen ervaren kunstlicht vanuit bijvoorbeeld sportvelden, kassen (assimilatieverlichting) en bedrijventerreinen vaak als hinderlijk. Ook andere lichtbronnen (o.a. wegverlichting en lichtreclame) die direct of indirect zichtbaar zijn vanuit woningen kunnen als hinderlijk worden ervaren.
Kunstlichtbronnen die zichtbaar zijn nabij of vanuit een natuurgebied worden door mensen ook wel als hinderlijk ervaren.

Lichthinder kan bij mensen leiden tot verstoring van het dag-nachtritme met fysieke en psychische klachten als gevolg.

Stedelijke omgeving

Verlichting in de stedelijke omgeving draagt bij aan de verkeersveiligheid. Nieuwe technieken zoals verkeersafhankelijke verlichting en dimmen van straatverlichting in de nachtelijke uren kunnen bijdragen aan het terugdringen van lichthinder in de stedelijke gebieden terwijl geen concessie wordt gedaan aan de (verkeers)veiligheid. Verlichting van reclameuitingen in de nachtelijke uren moet worden ontmoedigd en waar mogelijk worden tegengegaan. Bij het aanlichten van gebouwen en monumenten dient state-of–the-art energiezuinige verlichting worden toegepast die bijdraagt aan een zo laag mogelijk energieverbruik en behoud van esthetiek.

Flora en fauna

Nachtelijk kunstlicht kan het gedrag van dieren (negatief) beïnvloeden. Naast mogelijke aanpassingen van de levenscyclus, kan er ook sprake zijn van desoriëntatie, afstoting of aantrekking welke worden veroorzaakt door kunstlichtbronnen. Deze effecten kunnen leiden tot uitputting en sterfte. Ook kan kunstlicht als een barrière werken bij migrerende dieren.

De verschillende negatieve effecten van kunstlicht hebben niet alleen een individueel effect, maar kunnen ook een negatieve invloed hebben op de instandhoudingdoelstellingen van specifieke soorten.

De invloed van kunstlicht op planten is met name vanuit de glastuinbouw bekend. Over de invloed van kunstlicht op "wilde" flora is weinig concreets bekend.

Recente ontwikkelingen

De afgelopen jaren is (fundamenteel) onderzoek gedaan naar de werking van de biologische klok en de invloed van licht daarop voor mens en dier. Dit heeft geleid tot veel nieuwe gegevens en inzichten, waarvan de impact nog niet overzien kan worden.

Op dit moment kan eigenlijk niet meer gezegd worden dan dat verlichting nog veel dieper ingrijpende risico’s voor zowel mens als dier kan hebben dan dat de wetenschap tot voor tot voor enkele jaren meende.

leefomgeving
 

Kenniscentrum InfoMil