CO2-reductie in personenverkeer door gedragsverandering

Nederland heeft ambitieuze doelstellingen voor CO2-reductie. Om die te halen moeten we ook kijken naar de motieven van mensen om de auto te pakken. Hierdoor kunnen de voorwaarden voor verandering in kaart worden gebracht. Onderzoekbureau CE Delft maakte voor Rijkswaterstaat inzichtelijk waar de kansen liggen.

Highlights uit het rapport

Slechts 10% van alle autoritten gaan over vijftig kilometer of meer. Toch zijn uitgerekend deze langeafstandsreizen verantwoordelijk voor 45% van de CO2-uitstoot. Ook wordt een groot deel van de uitstoot veroorzaakt door vrijetijdsritten. Om CO2-reductie te stimuleren, is het dan ook zinvol om te kijken naar maatregelen gericht op deze doelgroep.

Gedragsverandering kan enerzijds worden gestimuleerd door het gebruik van de auto te ontmoedigen, of anderzijds het gebruik van alternatieve vervoersmiddelen aantrekkelijker te maken. Het gebruik van de (OV-)fiets of het openbaar vervoer moet zorgen voor minder gebruik van de auto. Het daadwerkelijke effect moet blijken uit de vermindering van uitstoot die de verschuiving van vervoermiddelen zal opleveren.

Maar hoe kan gedragsverandering in het verkeer effect hebben op de CO2-uitstoot? Uit eerdere ervaringen is gebleken dat de effectiviteit van de gedragsverandering verbetert, als deze specifiek is gericht op één doelgroep. Tegelijk is het scheppen van de juiste randvoorwaarden op systeemniveau essentieel. Het is belangrijk om daarbij steeds oog te hebben voor wat mensen individueel beweegt.

Meer informatie:


Uw onderwerpen