Afvalwater bij het reinigen en ontsmetten dierenverblijven

Bij het schoonmaken van dierverblijven kan er afvalwater ontstaan. In het activiteitenbesluit zijn er regels over gesteld. Deze dierenverblijven zijn voor het houden van landbouwhuisdieren.

DSC00144

Deze dieren zijn geen landbouwhuisdieren: dierentuindieren, wormen, muizen, cavia's, duiven, katten, honden en vissen in een dierenwinkel.

Vindplaats

Het voorschrift voor het lozen van afvalwater afkomstig van het reinigen en ontsmetten van dierenverblijven staat in artikel 3.127 van § 3.5.8 van het Activiteitenbesluit.

Het gaat om dierverblijven voor landbouwhuisdieren zoals:

  • varkens, kippen, paarden, rundvee,
  • maar ook lama's, struisvogels en konijnen of
  • andere dieren die men op een vergelijkbare wijze houdt

Verboden en voorwaarden

Beste Beschikbare Technieken

Het uitgangspunt is dat er zo min mogelijk afvalwater ontstaat. Daarom moet men zo veel mogelijk "droog" voorreinigen.

Riool lozing

Het afvalwater dat vrijkomt bij het reinigen en ontsmetten van stallen mag men op het vuilwaterriool lozen. Het gehalte onopgeloste stoffen in een steekmonster mag niet hoger zijn dan 300 mg/l. Als voorzuivering voor dit afvalwater kan men een slibvangput gebruiken.

De Meststoffenwet ziet waswater van stallen als dierlijke mest. Volgens de Meststoffenwet mag het gebruik daarvan als meststof altijd. Toestemming voor een bodemlozing onder het Activiteitenbesluit is overbodig geworden. Daarom staat het niet meer in het Activiteitenbesluit.

Vermengen met mest

Men kan afvalwater dat afkomstig is van het reinigen en ontsmetten van dierenverblijven zien als dierlijke meststof. Daarom mag men dit afvalwater via de mestkelder afvoeren. Men mag het afvalwater ook opslaan in een aparte voorziening en over het land uitrijden. Voorwaarde hierbij is een gelijkmatige verdeling over de onverharde bodem.

De activiteit is geregeld in hoofdstuk 3 van het Activiteitenbesluit. Daarom gelden de voorschriften voor type B- en type C-bedrijven. Een inrichting type B en een inrichting type C moeten de activiteit melden.

In de oorspronkelijke tekst van het Activiteitenbesluit staat ook een nota van toelichting (pdf, 65 kB).

Aanpalende wetgeving

Uitvoeringsbesluit en regeling meststoffenwet

Het mengen van afvalwater in de mestkelder is alleen toegestaan voor:

Dit volgt uit artikel 5 en 6 van het Uitvoeringsbesluit meststoffenwet.

Bekijk voor meer informatie over de Meststoffenwet: mijn.rvo.nl, van het ministerie van Economische zaken en Klimaat.

Reinigings- en ontsmettingsmiddelen

Ontsmettingsmiddelen of gecombineerde reinigings- en ontsmettingsmiddelen kunnen biociden bevatten die vallen onder de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgbm). Bij de toelating beoordeelt de Commissie toelating gewasbestrijdingsmiddelen en biociden (CTGB) het milieueffect van de middelen.

Voor toegelaten middelen geldt dat de beoordeling van het milieueffect bij lozing op het vuilwaterriool door de commissie voldoende is. Het bevoegd gezag hoeft dan geen aanvullende informatie te vragen of aanvullende eisen te stellen. Toepassing van de middelen volgens het gebruiksvoorschrift volgens de Wgbm is daarbij wel een vereiste. Als toepassen niet volgens de gedragsvoorschriften plaatsvindt, valt dit onder de zorgplicht.

Reinigingsmiddelen

Voor reinigingsmiddelen geldt geen toelating volgens de Wgbm. Voor het lozen in het vuilwaterriool geldt de ABM als uitgangspunt. Het bevoegd gezag kan volgens de zorgplicht eventueel via maatwerkvoorschriften extra eisen stellen aan het gebruik van reinigingsmiddelen.

De genoemde lozingsvoorwaarden voor vuilwaterriool gelden voor het gemeentelijk riool maar ook voor een particulier stelsel. Daarbij maakt het niet uit of het particuliere stelsel aansluit op het gemeentelijk riool of direct aansluit op een afvalwaterzuiveringsinstallatie. De lozingsvoorwaarden zijn namelijk bedoelt voor en de bescherming van het milieu, de waterzuivering én het rioolstelsel.

Controle aspecten

  1. Loost men het afvalwater op de mestkelder?
    1. Ziet de wetgever het afvalwater als meststof? Let op: dan is de meststoffenwet van toepassing. Zie: Lozen vanuit agrarische inrichtingen
    2. Verspreidt men het gelijkmatig over de bodem?
  2. Loost men afvalwater in het vuilwaterriool?
    1. Heeft men gedragsmaatregelen genomen om de hoeveelheid afvalwater te beperken?
    2. Voldoet men aan het gehalte onopgeloste bestanddelen?
    3. Kan men het op het vuilwaterriool geloosde afvalwater bemonsteren?
    4. Verdunt men het water niet?
  3. Als een slibvangput aanwezig is:
    1. Is de dimensionering van de slibvangput voldoende?
    2. Wordt de slibvangput op juiste wijze onderhouden en regelmatig geleegd?