Welke eisen gelden voor keuring van een mestbassin?

Vraag

Welke eisen gelden bij keuring van een mestbassin? Is altijd keuring nodig volgens BRL 2344? Is dit hetzelfde voor bestaande mestbassins?

Antwoord

Keuring: BRL 2344

Alle bovengrondse mestbassins (bestaand én nieuw) moeten worden gekeurd volgens BRL 2344. De borging voor BRL 2344 staat in artikel 3.69  Activiteitenregeling. In het eerste lid staat dat een mestbassin moet worden gekeurd door een instelling die beschikt over een erkenning op grond van het Besluit bodemkwaliteit. In de op dat besluit gebaseerde Regeling bodemkwaliteit staat het normdocument voor keuring van het mestbassin. Dit is de BRL 2344 voor verlenging referentieperiode voor mestbassins en afdekkingen voor mestbassins.

Ondergrondse mestbassins

Ondergrondse mestbassins hoeven niet te worden gekeurd. Dat staat in artikel 3.69 lid 8 Activiteitenregeling.

Wanneer?

Ten minste vier weken voordat de referentieperiode afloopt, moet de inrichtinghouder het mestbassin en de afdekking laten keuren. De referentieperiode staat in de kwaliteitsverklaring. Mocht die ontbreken, dan voorziet artikel 3.69 Activiteitenregeling daarin. De keuring is een beoordeling van de kwaliteit van een mestbassin en de afdekking. Dit om vast te stellen of het nog langer gebruikt kan worden. Bij goedkeuring stelt het keuringsbedrijf een nieuwe referentieperiode vast.

Erkend keuringsbedrijf

De keuring mag alleen door bedrijven met een erkenning volgens het Besluit bodemkwaliteit volgens normdocument BRL 2344. Een bedrijf kan deze erkenning krijgen van Bodem+ . Zie voor meer informatie: