Berekenen reductie stoppersmaatregel 'wegdoen van dieren' met 'omwisselen'

Vraag

Hoe gaat de berekening, als een agrariër de stoppersmaatregel ‘minder dieren houden' combineert met het omwisselen van dieren?

Antwoord

Hiervoor berekent u eerst de benodigde reductie (stap 1), daarna ammoniakreductie door het wegdoen van dieren (stap 2) en tot slot het omwisselen van de dieren (stap 3).

Stap 1: Berekenen benodigde reductie

Om te beginnen berekent u de reductie, die nodig is. Vergelijk

  • de vergunde emissie op 1 januari 2010 (of de feitelijk aanwezige huisvesting op 31 december 2010) met
  • de emissie, als op dat moment aan het Besluit emissiearme huisvesting zou zijn voldaan

Daarmee heeft u de hoeveelheid ammoniak (kg/jaar) berekend, die de veehouder moet reduceren.

Stap 2: Stoppersmaatregel 'wegdoen van dieren' toepassen

In dit geval krijgt de veehouder de ammoniakreductie die nodig is, door de stoppersmaatregel 'wegdoen van dieren'.

Als de veehouder door het wegdoen van dieren méér ammoniak reduceert dan nodig is, kan hij die ammoniak gebruiken voor het omwisselen van dieren. Maar: de totale ammoniakemissie per hoofdcategorie mag niet toenemen.

Stap 3: Dieren omwisselen

Het omwisselen van dieren gebeurt pas, ná het toepassen van de stoppersmaatregel 'wegdoen van dieren'. Door deze volgorde aan te houden, kan de veehouder in de toekomst een andere stoppersmaatregel dan ‘minder dieren houden' kiezen - bijvoorbeeld een technische maatregel of een voermaatregel. Hij kan dan weer de dieren gaan houden, die hij eerder heeft weggedaan met de stoppersmaatregel ‘minder dieren houden'.

Voorbeeld

We nemen als voorbeeld een stoppend varkensfokbedrijf met kraamzeugen, guste en dragende zeugen, gespeende biggen en vleesvarkens. Het bedrijf voldoet niet aan het Besluit emissiearme huisvesting en de veehouder moet maatregelen nemen. Hij kiest voor de stoppersmaatregel 'wegdoen van dieren': namelijk de kraamzeugen en guste en dragende zeugen.

Stap 1: Berekenen benodigde reductie

De eerste stap is het berekenen van de reductie, die nodig is. In dit voorbeeld gaan we uit van de situatie die op 1 januari 2010 vergund was.

Tabel 1 Benodigde reductie

Dier

Aantal dieren

Em. factor

Max. em waarde

NH3

Max. em. waarde

Diersoort en Rav-code op
1-1-2010

kg/dier/
jaar

kg/.dier/
jaar

op 1-1-2010 in kg/jaar

kg/jaar

Guste en dragende zeugen (D1.3.100)

258

4,2

2,6

1.083,60

670,80

Kraam-zeugen (D1.2.100)

80

8,3

2,9

664

232

Gespeende biggen op max. 0,35 m2 (D1.1.100.1)

1208

0,60

0,23

724,80

277,84

Vlees-varkens (D3.2.13.1)

100

1,2

1,4

120

140

A

B

Uitkomsten tabel 1
Omschrijving emissies kg ammoniak

De emissie van ammoniak op 1 januari 2010 (A):

2.592,40

De emissie van ammoniak op basis van de maximale emissiewaarde (B):

1.320,64

Hoeveelheid te reduceren ammoniak (A-B) = (C) :

1.271,76

Belangrijk: de ammoniakemissie op basis van de maximale emissiewaarde (B, in dit geval 1.320,64) blijft altijd de referentiesituatie!

Stap 2: Stoppersmaatregel minder dieren

De veehouder moet 1.271,76 kg ammoniak reduceren. Hij kan dit doen, door bijvoorbeeld 197 guste en dragende zeugen (197 * 4,2 = 827,4 kg) en 54 kraamzeugen (54 * 8,3 = 448,2) weg te doen. In totaal reduceert hij dan 1275,6 kg ammoniak.

Maar als hij ook nog wil omwisselen, moet hij extra dieren wegdoen. Anders reduceert hij niet genoeg ammoniak. Hij kan bijvoorbeeld alle guste en dragende zeugen en kraamzeugen wegdoen. Daarmee reduceert hij (258 * 4,2) + (80 * 8,3) = 1747,6 kg ammoniak. Met het overschot van (1747,6 - 1271,76=) 475,84 kg kan hij meer gespeende biggen gaan houden.

Stap 3: Omwisselen

De veehouder breidt in ons voorbeeld uit in gespeende biggen. Dat is binnen de hoofdcategorie varkens. Hij wisselt dus in feite de weggedane kraamzeugen en guste en dragende zeugen om voor extra gespeende biggen.

Hij mag 793 extra gespeende biggen gaan houden (793 * 0,60 = 475,8 kg). De gespeende biggen hoeven niet te voldoen aan de maximale emissiewaarde. De reden is dat het gaat om omgewisselde dieren, die in de al bestaande lege stallen (gebouwd vóór 1 april 2008) komen, waar eerst de kraamzeugen en guste en dragende zeugen stonden.

Belangrijk: als voor deze uitbreiding in gespeende biggen een nieuwe stal nodig zou zijn, dan moet die stal wel direct aan de maximale emissiewaarde (van 0,23) voldoen!