PM2,5 - grenswaarde en toetsing

In de EU richtlijn luchtkwaliteit van 2008 zijn normen opgenomen voor PM2,5. Deze zijn in de Wet milieubeheer overgenomen. PM2,5 is fijnstof (particulate matter) waarbij de deeltjes kleiner dan 2,5 micrometer doorsnee zijn. Deze zijn naar huidige inzichten schadelijker voor de gezondheid dan PM10 . In bijlage 2 van de Wm zijn plandrempels, richtwaarden, een blootstellingsconcentratieverplichting en grenswaarden opgenomen.

Europese aanpak

De Europese aanpak van PM2,5 richt zich op een algemene vermindering van concentraties in stedelijke achtergrondgebieden. Dit bereikt men via een nationale streefwaarde en een nationale blootstellingsconcentratieverplichting, in combinatie met een streef- en grenswaarde.

De blootstellingsconcentratieverplichting heeft voor het lokale bevoegd gezag andere gevolgen dan een grenswaarde. Het is namelijk een waarde die voor heel Nederland geldt.

Veehouderijen

Voor de vergunningverlening van veehouderijen is alleen de jaargemiddelde grenswaarde van belang. Deze geldt vanaf 1 januari 2015. Ze geldt naast de grenswaarden voor PM10.

De grenswaarde bedraagt vanaf dat moment 25 microgram per m3, gedefinieerd als jaargemiddelde concentratie. Deze grenswaarde geldt voor besluiten die het bevoegd gezag neemt na 1 januari 2015.

De grenswaarde voor PM2,5 vraagt geen aanvullende toetsing voor de agrarische sector. De emissie van primair PM2,5 uit veehouderijen is beperkt in verhouding tot de emissie van PM10. Zo bedraagt het aandeel PM2,5 binnen de uitgestoten hoeveelheid PM10 bij volière pluimveestallen ongeveer 6% (zie ASG Rapport 195). Als de luchtkwaliteit aan de PM10 normen voldoet, dan geldt dit ook voor de PM2,5 normen. Daarbij ligt de achtergrondconcentratie voor PM2,5 in Nederland ruimschoots onder de grenswaarde.

Uit onderzoek van RIVM blijkt dat bij een PM10-concentratie lager dan 32,5 μg/m3 de kans op een overschrijding van de PM2,5 normen kleiner dan 1% is.


Zie ook (InfoMil)