Wie doet wat

Bij de monitoring van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) zijn de volgende partijen betrokken:

  • Ministerie van Infrastructuur en Milieu (IenM)
  • Overheden die partner zijn van het NSL (rijk, provincies, gemeenten)
  • RIVM
  • InfoMil

Deze partijen vormen samen een aantal overlegstructuren die een taak hebben binnen de monitoring van het NSL. Binnen de handleiding worden de volgende actoren benoemd:

Deze actoren hebben elk hun eigen verantwoordelijkheden. De totale lijst met overlegstructuren is groter dan de benoemde actoren.

Individuele personen kunnen deel uitmaken van meerdere actoren. U kunt bijvoorbeeld zowel een rol hebben in de provincie als in de overleggroep Monitoring.

Uitvoerende overheden

NSL-gebied

Bij de start van het NSL zijn zeven regionale samenwerkingsprogramma's (RSL's) opgesteld. Deze zeven regio's vormen samen het NSL-gebied. In het plaatje hieronder zijn de zeven RSL's uit de start van het NSL zwart omlijnd. De gekleurde gebieden zijn de agglomeraties die apart benoemd worden in de EU-rapportage luchtkwaliteit.

afbeelding NSL gemeenten

Gemeente

Elke gemeente draagt zorg voor de controle van de luchtkwaliteit op het eigen gebied. Langs de wegen in het NSL-gebied gebeurt dit met behulp van de Monitoringstool.

De lijst met gemeenten waarbinnen vergunningsplichtige inrichtingen voor het houden van landbouwhuisdieren liggen wordt jaarlijks geactualiseerd. De gemeenten die in deze lijst staan zijn verplicht om de gegevens voor de veehouderijen op hun gebied te controleren. Als de veehouderijen niet meer correct in de Monitoringstool staan, dan moeten ze de gegevens actualiseren. Overige gemeenten kunnen de gegevens over veehouderijen vrijwillig actualiseren.

Provincie

Elke provincie zorgt ervoor dat de luchtkwaliteit op het eigen gebied (met name rondom de eigen wegen) gecontroleerd wordt. Binnen het NSL-gebied gebeurt dit met behulp van de Monitoringstool.

Rijkswaterstaat

Rijkswaterstaat zorgt ervoor dat de luchtkwaliteit rondom de eigen wegen gecontroleerd wordt. Dit gebeurt op nationaal niveau met behulp van de Monitoringstool.

Taken van de uitvoerende overheden

Alle hierboven genoemde actoren hebben de volgende taken binnen de jaarlijkse monitoring van het NSL:

  • voeren de maatregelen en projecten volgens het NSL uit
  • leveren tijdig informatie aan over de stand van zaken van projecten en maatregelen
  • dragen zorg voor de aanlevering van de actuele data (weg- en verkeerskenmerken en veehouderijgegevens) voor het berekenen van de luchtkwaliteit
  • zorgen voor regionale afstemming en bestuurlijke goedkeuring van de aangeleverde data
  • gaan na waar zich blijvende of nieuwe overschrijdingen van grenswaarden voordoen zodra de rekenresultaten beschikbaar zijn
  • doet voorstellen voor aanvullende maatregelen om die overschrijdingen weg te nemen

Ministerie van Infrastructuur en Milieu

Het ministerie van IenM stelt jaarlijks de GCN en de emissiefactoren vast. Deze gegevens worden in de Monitoringstool gebruikt om de concentraties de berekenen. Het ministerie is daarnaast de eindverantwoordelijke voor de coördinatie van het monitoringsproces.

Bureau Monitoring

Het Bureau Monitoring is een samenwerkingsverband tussen RIVM en Infomil. Het Bureau Monitoring heeft de volgende taken:

  • voert jaarlijks de monitoring van het NSL uit
  • beheert en ontwikkelt de Monitoringstool
  • levert jaarlijks de rapportage Monitoring NSL op, inclusief analyse
  • stelt jaarlijks de rapportage luchtkwaliteit voor de EU op
  • is het aanspreekpunt voor overheden over de monitoring

Overleggroep monitoring NSL:

De NSL-partners vormen samen de Overleggroep monitoring NSL.

De overleggroep monitoring heeft de volgende taken:

  • stemt met NSL partners de werkwijze bij de monitoring af
  • stelt de te gebruiken formats en de eisen voor aan te leveren gegevens vast
  • begeleidt de uitvoering van de monitoring door Bureau monitoring NSL
  • bespreekt de rapportage Monitoring NSL van Bureau monitoring en stuurt deze naar de Stuurgroep
  • stelt vast op basis van de monitoringsresultaten of het NSL op schema ligt en doet zo nodig voorstellen aan het bestuurlijk overleg over de te volgen aanpak als dat niet het geval is