Tabellen onder de kaart

Kenmerken per wegvak, rekenpunt en overdrachtslijn

Om de kenmerken van wegvakken, rekenpunten en overdrachtslijnen (dit zijn meerdere type onderdelen) uit de kaart af te lezen, moet u deze onderdelen zichtbaar maken in de kaart. Dat doet u door deze in het filter aan de rechterkant van de kaart aan te vinken.

Als deze onderdelen zichtbaar zijn in de kaart kunt u deze selecteren door op select te klikken in het menu aan de linkerkant en vervolgens te dubbelklikken op het desbetreffende wegvak, rekenpunt of overdrachtslijn. Wilt u meerdere items tegelijkertijd selecteren, dan kunt u:

  • de rekenpunten, wegvakken en/of overdrachtslijnen selecteren door op ‘select’ te klikken in het menu aan de linkerkant van de kaart. Vervolgens klikt u in de kaart en selecteert u een rechthoekig gebied waarbinnen de rekenpunten, wegvakken en/of de overdrachtslijnen zich bevinden;
  • de rekenpunten, wegvakken en/of overdrachtslijnen selecteren door op ‘polygon’ te klikken in het menu aan de linkerkant van de kaart. Vervolgens klikt u in de kaart en selecteert u het gebied waarbinnen de rekenpunten, wegvakken en/of de overdrachtslijnen zich bevinden.

De door u geselecteerde rekenpunten, wegsegmenten en/ of overdrachtslijnen krijgen in de kaart een zwarte lijn of cirkel. Heeft u meerdere typen items tegelijk geselecteerd? Dan ziet u een witte balk bovenin de kaart. Daarin ziet u alle mogelijke typen items staan. De items die u geselecteerd heeft, hebben zwarte letters. De overige typen hebben een zacht grijze tekst. De optie 'annuleer selectie' staat helemaal rechts.

witte balk met geselecteerde onderdelen boven kaart

Als u op één van de knoppen klikt of als u maar één type onderdeel heeft geselecteerd, dan opent onderin de kaart een nieuw scherm. In dit scherm staat een lijst van de geselecteerde onderdelen. Het voorbeeld hieronder toont de geselecteerde wegvakken (segmenten).

Lijst geselecteerde wegen in tabel onder de kaart

Klik op één van de regels in de lijst om de tabel van het onderdeel zichtbaar te maken. In de kaart kunt u de volgende tabellen bekijken:

  • rekenpunten
  • wegvakken (segmenten)
  • overdrachtslijnen
  • maatregelgebieden
  • veehouderijen
  • correctievelden
  • NWB-wegen

Kenmerken rekenpunten

Als u in de witte balk op ‘rekenpunten’ klikt, dan opent onderin de kaart een tabel. In de tabel staan alle rekenpunten die u heeft geselecteerd. U ziet per rekenpunt het identificatienummer (Id) en enkele rekenresultaten en het rekenjaar.

Lijst Rekenpunten

Door op het Id-nummer van een rekenpunt te klikken, opent onder de kaart een scherm met daarin alle eigenschappen van dat rekenpunt. In de kaart is dit rekenpunt terug te vinden doordat er een rode cirkel om het rekenpunt verschijnt.

Er zijn twee tabbladen per rekenpunt.

  • Het scherm opent automatisch in het tabblad ‘Kenmerken’. Hier kunt u kenmerken afgelezen van het geselecteerde rekenpunt. U vindt hier onder andere de straatnaam, de jurisdictie (eigenaar) van het rekenpunt en het type rekenpunt.

Tabel rekenpunt kenmerken

  • U kunt er ook voor kiezen om op het tabblad ‘concentraties’ te klikken in de blauwe balk. Hier vindt u de berekende concentraties voor de luchtkwaliteit van dit rekenpunt. De linker zijde van de tabel geeft aan welke informatie het getal weergeeft, de bovenkant toont de stof waar het getal bij hoort. De weergegeven stoffen zijn stikstofoxiden (NOx), ozon (O3), stiksfotdioxide (NO2) en fijnstof (PM10 en PM2,5)

tabel rekenpunt concentraties

Door links in het geopende scherm op een ander Id-nummer te klikken (als u meerdere punten geselecteerd heeft), kunt u de kenmerken en concentraties van de andere Id-nummers bekijken.

Klik op op ‘verberg’ rechts bovenaan in het geopende scherm om de tabel te sluiten. U kunt ook in de kaart op een willekeurige plaats klikken, dan verdwijnt het geopende scherm met de kenmerken en concentraties ook.

Als u de tabel wilt vergroten, klik dan op de '+' rechtsboven.

Kenmerken wegvakken

Als u in de witte balk op ‘segmenten’ klikt, dan opent onderaan de kaart een scherm waarin het Id-nummer van het wegvak (segment), de straatnaam en het desbetreffende jaar wordt weergegeven.

Door op het Id-nummer van het desbetreffende wegvak te klikken, openen de algemene kenmerken van dit specifieke wegvak. De geselecteerde weg kleurt van zwart naar rood.

  • Kenmerken die onder het tabblad 'algemeen' worden getoond zijn onder andere de straatnaam, het wegtype (SRM1 of 2), de tunnelfactor en de jurisdictie;

tabel segment algemeen

  • De tweede tab heet 'SRM 1' of 'SRM 2'. In deze tab ziet u informatie over de snelheid van het verkeer. Bij SRM2 wegen vindt u hier ook de informatie over weghoogte en schermen.
    • Srm1-wegen liggen in stedelijk gebied en hebben overdrachtslijnen.De invloed van de weg is beperkt tot de gekoppelde rekenpunten.
    • Buitenstedelijke wegen, zoals provinciale wegen en snelwegen zijn srm2-wegen. Deze wegen hebben invloed op alle rekenpunten binnen 5 km van de weg.
  • De derde tab heet 'intensiteiten'. Hier vind u de verkeersintensiteiten en stagnatiefactoren. De informatie is opgebouwd met intensiteiten links in beeld en stagnatie rechts.
    • Het licht verkeer is op snelwegen onderverdeeld tussen gewoon en dynamisch. Onder 'licht verkeer dynamisch' staat het aantal lichte voertuigen per etmaal dat buiten de spits rijdt en dan een hogere maximumsnelheid heeft. Vaak zijn dit wegen waar 's nachts 130 km/u gereden mag worden, maar een andere snelheid is ook mogelijk.
    • Op buitenstedelijke wegen worden de bussen niet apart weergegeven.
    • De totale intensiteit op een weg bestaat uit licht verkeer + licht verkeer dynamisch + middelzwaar verkeer + zwaar verkeer + bussen.

tabel segment intensiteiten

Klik op op ‘verberg’ rechts bovenaan in het geopende scherm om de tabel te sluiten. U kunt ook in de kaart op een willekeurige plaats klikken, dan verdwijnt het geopende scherm met de kenmerken en concentraties ook.

Als u de tabel wilt vergroten, klik dan op de '+' rechtsboven.

Kenmerken overdrachtslijnen

Als u op ‘kenmerken overdrachtslijnen’ klikt, opent onderaan de kaart een tabel met daarin de kenmerken van de geselecteerde overdrachtslijnen. Een overdrachtslijn loopt altijd van een rekenpunt (rekenpunt-id) naar een wegsegment (segment-id).

Nadat u op het receptor Id-nummer heeft geklikt, opent een nieuw scherm met daarin de kenmerken van de geselecteerde overdrachtslijn. Deze overdrachtslijn kleurt rood in de kaart (u ziet geen zwarte streep meer voor deze overdrachtslijn).

  • Kenmerken die worden weergegeven zijn het wegtype (bebouwing rondom de weg), de bomenfactor en de rekenafstand.

Tabel Overdrachtslijn

TIP. De rekenafstand wordt vanaf Monitoringstool versie 2015 berekend. De waarde '0' in de Monitoringstool versie 2014 betekent dat de afstand niet is berekend voor de weergave. De lengte van de overdrachtslijn geeft een indicatie van de rekenafstand. U kunt deze vergelijken met de schaal links onderaan de kaart.Klik op op ‘verberg’ rechts bovenaan in het geopende scherm om de tabel te sluiten. U kunt ook in de kaart op een willekeurige plaats klikken, dan verdwijnt het geopende scherm met de kenmerken ook.

Als u de tabel wilt vergroten, klik dan op de '+' rechtsboven.

Kenmerken maatregelgebieden

Als u in de witte balk op ‘maatregelen’ klikt, dan opent onderaan de kaart een scherm waarin het maatregel id en de naam van de maatregel worden weergegeven. .

Door op het Id-nummer van de desbetreffende maatregel te klikken, openen de algemene kenmerken van de specifieke maatregel.

  • De kenmerken die onder het tabblad 'algemeen' worden getoond geven aan hoe de emissiefactoren van verschillende voertuigen worden gecorrigeerd. De waarde van deze correctie is elk jaar en elke versie van de Monitoringstool verschillend. De snelheden in het maatregelenbestand zijn weergegeven in srm1-categoriën.

tabel maatregelen algemeen

Kenmerken veehouderijen

Als u in de witte balk op ‘veehouderijen’ klikt, dan opent onderaan de kaart een scherm waarin de geselecteerde gemeenten staan weergegeven. Klik op de naam van de gemeente om de gegevens te zien.

Van alle gemeenten staat weergegeven of er overschrijdingen bij veehouderijen plaatsvinden, hoeveel overschrijdingen er zijn en wat het maximum aantal dagen is waarin de uurgemiddelde norm van 50 µg/m3 wordt overschreden.

tabel veehouderijen algemeen

Kenmerken correctievelden

Als u in de witte balk op ‘correcties’ klikt, dan opent onderaan de kaart een scherm waarin het Id-nummer van de correctievelden wordt weergegeven.

Door op het Id-nummer van het desbetreffende correctieveld te klikken, openen de algemene kenmerken van dit veld. Het geselecteerde correctieveld kleurt van zwart naar rood.

  • Kenmerken die onder het tabblad 'algemeen' worden getoond zijn onder andere de jurisdictie, de stof waarvoor de correctie geldt en de grootte van de correctie. Een correctie in de Monitoringstool moet altijd onderbouwd zijn., bijvoorbeeld door een windtunnelonderzoek of door een lokaal meetstation.

tabel correctievelden algemeen

Kenmerken NWB-wegen

Als u in de witte balk op ‘NWB-wegen’ klikt, dan opent onderaan de kaart een scherm waarin het Id-nummer van de NWB-wegen wordt weergegeven.

Door op het Id-nummer van de desbetreffende weg te klikken, openen de algemene kenmerken van dit veld. De geselecteerde weg kleurt van zwart naar rood.

NWB-wegen kunnen gebuikt worden bij het opbouwen van het wegsegmentenbestand. De NWB-wegen hebben geen rechtstreeks effect op de berekende concentraties in de Monitoringstool.

Tabel NWBwegen