Emissies en immissies

Stofmetingen en verspreidingsberekeningen kunnen nodig zijn ter bepaling van de omvang van fijnstof emissies. Met behulp van emissiefactoren, bepaald uit emissiemetingen, worden immissies berekend met een verspreidingsmodel.

NTA 8029: Bepaling en registratie van industriële fijnstof emissies

Het Nederlands centrum van normalisatie (NEN) heeft een publicatie uitgebracht voor het eenduidig bepalen van industriële fijnstof emissies: de NTA 8029. Deze Nederlandse Technische Afspraak (NTA) beschrijft de methode voor het bepalen van de jaarlijkse emissievracht fijnstof (PM10 en PM2,5). Gebruik van deze NTA is bedoeld voor bedrijven die onder de Milieujaarverslag (MJV) en European Pollutant Release Transfer Register (E-PRTR) verplichting vallen. De emissie jaarvrachten worden vastgesteld voor diverse bronnen, proceshandelingen en emissies door verwaaiing.
Bij de NTA is een database ontwikkeld met emissiefactoren en omrekenfactoren voor fijnstof uit de industrie. Deze database kan gebruikt worden voor de bepaling van de jaarlijkse fijnstof emissie (PM10 en PM2,5), als er geen metingen beschikbaar zijn.

Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (LML)

Het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (LML) van het RIVM meet de luchtkwaliteit continu. Het RIVM geeft hier diverse overzichten, zoals actuele PM10 concentraties op een kaart. De meetresultaten van het meetnet worden samen met resultaten uit modelberekeningen gebruikt voor toetsing van de luchtkwaliteit aan de normen, beschrijving van de luchtkwaliteit op nationale, regionale en lokale schaal en voor het geven van informatie over perioden met verhoogde luchtverontreiniging (smog).

Toezicht op stofmetingen

InfoMil heeft als hulpmiddel voor toezicht op stofmetingen de praktijkbladen Stof Continue (bedrijfs)meting en Stof Periodieke meting uitgebracht, als onderdeel van de L40-serie Meten van luchtemissies. Deze praktijkbladen geven achtergrondinformatie over de opzet, uitvoering en rapportage van stofmetingen en een checklist met kwaliteitsbepalende factoren. Let wel dat het hier gaat over totaal stof, niet alleen fijnstof.

Verspreidingsberekeningen

Met behulp van emissiefactoren kunnen immissies worden berekend met een verspreidingsmodel. Met de NSL-Rekentool kunt u de luchtkwaliteit langs wegen berekenen. ISL3a is een afgeleide van het Nieuw Nationaal Model (NNM) en is een model dat concentraties van punt-, oppervlakte- of agrarische bronnen berekent. Van het NNM staan twee handreikingen en een beschrijving (het paarse boekje) op de InfoMil website.

Emissiefactoren

Emissiefactoren zijn nodig voor de bepaling van de immissie, deze zijn normaliter verwerkt in deze modellen. Het ministerie van Infrastructuur en Milieu (IenM) publiceert jaarlijks gegevens die overheden moeten gebruiken bij de berekening van de concentraties luchtverontreinigende stoffen. U vindt hier onder andere emissiefactoren voor wegverkeer en dieren. Bij de NTA 8029 zit een database met emissiefactoren en omrekenfactoren voor fijnstof uit de industrie.

De Statline databank van het Centraal Bureau voor de Statistiek geeft naast emissiegegevens ook diverse emissiefactoren. U vindt hier emissiefactoren van wegverkeer (verschillende voertuigcategorieën, soorten wegen, bouwjaren en periodes) en mobiele bronnen (scheepvaart, luchtvaart, spoorwegen, mobiele werktuigen). Zoek voor deze gegevens via de themaboom in Milieu, natuur en ruimte/Milieuverontreiniging/Luchtverontreiniging.

Een bekende buitenlandse informatiebron is het EMEP/CORINAIR Emission Inventory Guidebook. Het Amerikaanse EPA (Environmental Protection Agency) geeft daarnaast op een apart deel van hun website emissiefactoren voor diverse industriële branches.

Emissiegegevens

Algemene emissiegegevens worden beschikbaar gesteld door Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). In de emissieregistratie van het PBL worden de emissies naar bodem, water en lucht van circa 350 beleidsrelevante stoffen en stofgroepen vastgesteld. U vindt deze emissies op diverse manieren: als kaart, grafiek en tabel maar ook in de vorm van een database voor eigen gebruik. De emissieregistratie database omvat gegevens van individueel geregistreerde puntbronnen (op basis van o.a. Milieujaarverslagen) en diffuse bronnen.

De Statline databank van het Centraal Bureau voor de Statistiek geeft emissiegegevens per sector of per branche, van ondermeer industriële branches, huishoudens, mobiele bronnen en wegverkeer. Zoek voor deze gegevens via de themaboom in Milieu, natuur en ruimte/Milieuverontreiniging/Luchtverontreiniging.

Voor de industrie is er veel informatie over emissies beschikbaar. Emissiegegevens van verschillende bronnen (branches) staan in (de bijlagen van) de volgende TNO rapportages:

In de bouwsector komt veel fijnstof vrij. Stofemissies in de bouw(keten) (pdf, 309 kB) zijn in 2006 geïnventariseerd door onderzoeks- en adviesbureau CE. Verder is in 2009 een inventarisatie uitgevoerd naar fijnstof bij mobiele puinbrekers (pdf, 8.5 MB) en het effect van fijnstof maatregelen.

Inzet van biomassa leidt tot meer emissie van fijnstof dan alternatieven zoals het verbranden van aardgas. Het ECN rapport 'Effect biobrandstoffen op fijnstof in de buitenlucht' uit 2006 geeft inzicht in de invloed van de toekomstig voorziene inzet van biomassa op de PM10-concentratie in Nederland.