Maatregelen

De belangrijkste maatregel bij leidingen met een aandachtszone of veiligheidszone is zonering. Dit betekent voldoende afstand houden tussen gevoelige functies en de leiding.

Hoogspanningslijnen

Voorkomen moet worden dat nieuwe gevoelige functies binnen de magneetveldzone van 0,4 microTesla liggen. Dit blijkt uit het advies van het rijk uit 2005 (pdf, 36 kB) en de toelichtende brief van 2008 (pdf, 1 MB) over bovengrondse hoogspanningslijnen.

In de brieven van 2005 en 2008 is toegelicht dat bestemmingen waar kinderen (tot 15 jaar) langdurig kunnen verblijven worden aangemerkt als gevoelig. Het gaat hierbij om woningen, scholen, crèches en kinderopvangplaatsen.

Dit betekent dat aan weerszijden van de leiding een zone geldt waar deze functies niet mogen komen.

Buisleidingen

De belangrijkste maatregel bij buisleidingen is ruimtelijke scheiding. Zodat gevoelige functies (kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten) op voldoende afstand komen van de leiding.

Maatregelen in de omgeving

Hoe minder personen rond een risicovolle activiteit aanwezig zijn, hoe beter de veiligheidssituatie. Hier speelt de ruimtelijke ordening een belangrijke rol, namelijk door in bestemmingsplannen adequate zoneringen toe te passen. Daarbij moet rekening worden gehouden met toekomstige uitbreidingswensen van zowel de (beperkt) kwetsbare objecten als de risicovolle activiteiten.

In de verantwoordingsplicht groepsrisico, die verplicht kan zijn bij ruimtelijke besluiten in de omgeving van buisleidingen, moeten ruimtelijke maatregelen worden afgewogen.

Het kan daarbij gaan om:

  • het situeren van kwetsbare objecten op grotere afstand van de risicobron,
  • het afwegen van alternatieve ruimtelijke ontwikkelingen met minder grote personendichtheden,

maar ook om

  • de oriëntatie van gebouwen,
  • de aanleg van voldoende brede vluchtwegen of aanrijdwegen voor de hulpdiensten en
  • de situering van de nooduitgang.

Om dit vast te kunnen leggen in een ruimtelijk besluit (bestemmingsplan) moet de maatregel ruimtelijk relevant te zijn. Dit vastleggen is essentieel. Op deze manier kan de uitvoering van de maatregel daadwerkelijk geborgd worden. Alleen zo kan het bevoegd gezag een goed onderbouwd oordeel geven over het accepteren van het restrisico.

Maatregelen aan de bron

Voor verandering van het gebruik van buisleidingen of nieuwe buisleidingen, moet de gemeente contact leggen met de eigenaar/beheerder. Door in een vroeg stadium mogelijke maatregelen te bespreken kan het risico beperkt worden. De ligging van de buisleiding dan afgestemd worden op andere ruimtelijke ontwikkelingen.