Niet-categoriale inrichtingen

Vraag

Wat zijn niet-categoriale inrichtingen in het Bevi?

Antwoord

Naast de categoriale inrichtingen kent het Bevi niet-categoriale inrichtingen. Gebruik voor deze inrichtingen een risicoberekening (QRA: in het Nederlands Kwantitatieve risico analyse) om het plaatsgebonden risico te bepalen.

Het Bevi kent de volgende niet-categoriale inrichtingen:

  • een inrichting waarop het Brzo'99 van toepassing is
  • een inrichting bestemd voor het vervoer voor gevaarlijke stoffen waarbij de hoeveelheden boven bepaalde ondergrenzen die in het Brzo genoemd zijn komen (zie artikel 2 onder b van het Bevi)
  • de in de Revi aangewezen spoorwegemplacementen
  • inrichtingen waar meer dan 1500 kg ammoniak in een insluitsysteem aanwezig is behalve als er sprake is van een ammoniakkoelinstallatie
  • inrichtingen waar meer dan 150.000 liter ontvlambare of zeer licht ontvlambare vloeistoffen in een bovengronds insluitsysteem aanwezig is
  • inrichtingen waar meer dan 13 m3 acetyleen in een insluitsysteem aanwezig is
  • inrichtingen waar propaan aanwezig is  in een insluitsysteem met een inhoud van:
    • meer dan 13 m3 propaan en ten hoogste 50 m3 en met een jaarlijkse doorzet van meer dan 600 m3
    • meer dan 50 m3
  • inrichtingen waar een cyanidehoudend bad voor het aanbrengen van metaallagen aanwezig is met een inhoud van meer dan 100 liter
  • inrichtingen waar een vergiftige of zeer vergiftige stof, niet zijnde benzine of methanol, in een insluitsysteem met een inhoud van meer dan 1.000 liter aanwezig is
  • inrichtingen waar in enige opslagvoorziening een vergiftige of zeer vergiftige stof in gasflessen aanwezig is en waarbij de totale waterinhoud van de gasflessen met vergiftige of zeer vergiftige inhoud in die opslagvoorziening meer bedraagt dan 1.500 liter
  • inrichtingen waar aardgasdruk gereduceerd wordt of aardgashoeveelheid gemeten wordt, voor zover de gastoevoerleiding een grotere diameter heeft dan 20 inch
  • een Bevi-inrichting waar verpakte gevaarlijke afvalstoffen, of verpakte gevaarlijke stoffen, niet zijnde nitraathoudende kunstmeststoffen, worden opgeslagen in een hoeveelheid van meer dan 10.000 kg per opslagvoorziening waar een of meer opslagvoorzieningen aanwezig zijn met een vloeroppervlak van 2500 m2 of meer of er binnen de inrichting (zeer) vergiftige stoffen in verpakkingseenheden van meer dan 100 kilogram in de buitenlucht worden verladen (artikel 15 lid 2 Bevi)
  • een inrichting waar een koel- of vriescombinatie aanwezig is met een inhoud van 10.000 kilogram ammoniak of meer
  • mijnbouwwerk inrichting als bedoeld in artikel 1, onderdeel n van de Mijnbouwwet met uitzondering van mijnbouwinstallaties volgens artikel 1, onderdeel o van de Mijnbouwwet.

Het is mogelijk dat er in de toekomst meer niet-categoriale inrichtingen bijkomen.