Vormvrije m.e.r.-beoordeling in de herziene m.e.r.-richtlijn

Het inwerkingtredingsbesluit wijziging Besluit m.e.r. is op 6 juli 2017 in het Staatsblad gepubliceerd. Het gewijzigde Besluit m.e.r. is 7 juli 2017 in werking getreden.

Voor elke aanvraag waarbij een vormvrije m.e.r.-beoordeling aan de orde is moet:

  • door de initiatiefnemer een aanmeldingsnotitie worden opgesteld.
  • het bevoegd gezag binnen 6 weken een m.e.r.-beoordelingsbesluit nemen. Dit besluit hoeft men niet in de Staatscourant te zetten.
  • de initiatiefnemer het (vormvrije) m.e.r.-beoordelingsbesluit
    bij de vergunningaanvraag (Artikel 7.28 Wet milieubeheer) of OBM aanvraag (artikel 2.2a, lid 1, van het Bor) toevoegen.

De artikelen 7.16 tot en met 7.20a Wm moeten in de nieuwe wetgeving voor alle in het Besluit m.e.r. genoemde activiteiten van de D-lijst gebruikt worden. Het maakt daarvoor niet uit of het een activiteit onder of boven de D-drempel waarde zit.

De vormvrije mer-beoordeling geldt daarmee ook voor OBM beoordelingen. Dit volgt uit de invoering van artikel 1, vierde lid, onder a en b, van Richtlijn 2014/52/EU.

Deze wijziging geldt voor alle aanvragen waarover nog geen besluit is genomen. Voor de gewijzigde Besluit m.e.r. geldt geen overgangsrecht. Dat kan betekenen dat voor aanvragen voor de inwerkingtreding van de gewijzigde Besluit m.e.r. ook de nieuwe regels gelden.

Vergunningverleners wordt geadviseerd om te checken of dit risico over lopende aanvragen zich voordoet. Zo ja, neem contact op met de Initiatiefnemer. Er moet alsnog een vormvrije m.e.r.-beoordeling nieuwe stijl worden doorlopen.


Uw onderwerpen