199901558/1 Lochem

Onderwerp: Voor verzuring gevoelig gebied, rietland

Inleiding:
Verweerders zijn in het bestreden besluit uitgegaan van een bepaald voor verzuring gevoelig gebied in het kader van de Iav en Uav. Zij hebben ter motivering volstaan met de overweging dat bij de bepaling van de afstand tot dit gebied de kaart behorende bij het ARP dient te worden gehanteerd.

Afdeling:
Naar het oordeel van de Afdeling is aldus de vraag of het gebied moet worden aangewezen als voor verzuring gevoelig gebied als bedoeld in artikel 2, eerste lid van de Uav, niet beantwoord. Het bestreden besluit berust derhalve niet op een deugdelijke motivering. De Afdeling overweegt voorts dat het gebied Dikkinks Riet aansluit op de bosstrook die deel uitmaakt van een bos dat moet worden aangemerkt als een voor verzuring gevoelig gebied. Tezamen vormt dit naar het oordeel van de Afdeling één aansluitend bosgebied. Dat het Dikkinks Riet een ander karakter heeft dan het hoger gelegen gemengd bos, doet hieraan niet af. Het bos met inbegrip van Dikkins Riet (rietland) moet worden aangemerkt als één voor verzuring gevoelig gebied.

Onderwerp: Categorie-indeling stank, bedrijfspand, stankgevoelig object dat met wonen gelijk te stellen is, stankhinder

Inleiding:
Het dichtst bij de inrichting gelegen object is een bedrijfspand op een bedrijventerrein (industrieterrein). Aan de orde komt de vraag in hoeverre dit bedrijfspand  als stankgevoelig object in de zin van de Brochure 1985 bescherming behoeft tegen stankhinder afkomsige van de onderhavige agrarische inrichting.

Afdeling:
Met betrekking tot de beoordeling van stankhinder dient als uitgangspunt te gelden dat bescherming hiertegen moet worden geboden ten behoeve van het wonen. Onder omstandigheden kan evenwel ook langdurig, met wonen gelijk te stellen verblijf als zodanig worden aangemerkt. Vast is komen te staan dat het desbetreffende bedrijfspand een klein bedrijf betreft met een personeelsbestand van vijf werknemers en een geringe kantoorfunctie. Het pand wordt voornamelijk gebruikt als opslag en uitvalsbasis voor werkzaamheden elders. Aldus is niet gebleken van feiten of omstandigheden op grond waarvan kan worden aangenomen dat sprake is van met wonen gelijk te stellen verblijf. Er bestaat geen grond voor het oordeel dat dit  bedrijfspand als een voor stank gevoelig object moet worden aangemerkt. Aangezien aan de toegangsweg tot dit bedrijventerrein geen woonfunctie toekomt, behoeft dit evenmin als stankgevoelig object te worden aangemerkt.

Datum uitspraak:
19 april 2001
Zaaknummer:
199901558/1
Vindplaats:
NBStAB 2001-3/K43, AgriSelect2001-5/3.1,(>beide alleen stank), JM 2001-9/121
Instantie:
gemeente