Begrippen

In artikel 1 van de Wet bodembescherming zijn definities opgenomen die van belang zijn voor de toepassing van deze wet. Hieronder zijn enkele begrippen  voor het waterbeheer toegelicht.

Bodem

Onder bodem wordt in artikel 1 van de Wet bodembescherming verstaan het vaste deel van de aarde met de zich daarin bevindende vloeibare en gasvormige bestanddelen en organismen. Dit betekent dat naast de ‘droge’ bodem (landbodem) ook grondwater en de ‘natte bodem’ (waterbodem) onder deze definitie vallen. De Wbb heeft de bodem en oevers van een oppervlaktewaterlichaam zoals bedoeld in de Waterwet buiten toepassing verklaard (artikel 99 Wbb). Zie verder grensoverschrijdende verontreiniging.

Belang van de bescherming van de bodem

Het belang van de bescherming van de bodem is het belang van het voorkomen, beperken of ongedaan maken van veranderingen van hoedanigheden van de bodem, die een vermindering of bedreiging betekenen van de functionele eigenschappen die de bodem voor mens, plant of dier heeft.

Geval van verontreiniging

Het begrip geval van verontreiniging bevat drie elementen:

  1. Een geval van verontreiniging of dreigende verontreiniging van de bodem
  2. dat betrekking heeft op grondgebieden die vanwege die verontreiniging, de oorzaak of de gevolgen daarvan
  3. in technische, organisatorische en ruimtelijke zin met elkaar samenhangen.

In de Circulaire bodemsanering 2013 en in jurisprudentie zijn deze elementen verder toegelicht.

Saneren

Onder saneren wordt verstaan het beperken en zoveel mogelijk ongedaan maken van verontreiniging en de directe gevolgen daarvan of van dreigende verontreiniging van de bodem. Bij de gebiedsgerichte aanpak gaat het niet langer om de traditionele manier van saneren (functiegericht en kosteneffectief saneren), maar om het beheersen van de verontreiniging (risicobeheersing). Dit valt ook onder saneren in de zin van de Wbb.

Gebiedsgerichte aanpak

De gebiedsgerichte aanpak richt zich op de sanering van meerdere verontreinigingen van het diepere grondwater in een daartoe aangewezen gebied. Met de term ‘het diepere grondwater’ wordt het grondwater bedoeld dat onder de bronzone zit. De term ‘grondwater’ moet hierbij niet al te beperkt worden opgevat. Het gaat om het bodemvolume waarin dat grondwater zich bevindt. De ‘pluim’ (verontreiniging) bevindt zich in dit diepere grondwater.


Uw onderwerpen

Zie Rijkswaterstaat/Bodem+

Zie Overheid.nl