Checklist handhaving

De checklist biedt handhavers ondersteuning bij de controle van de oplosmiddelenboekhouding bij oplosmiddeninstallaties (Activiteitenbesluit afdeling 2.11). Deze bestaat uit vijf stappen met toelichtingen en artikel nummers in pop-up schermen bij elke stap.

Door de checklist met de knop links bovenaan de pagina om te zetten in pdf vorm, is deze handig om te gebruiken tijdens handhavingcontroles. Hierbij is het aan te bevelen om vooraf stap 1 te doorlopen en (een van de) de tabellen met grenswaarden voor Regime 1, 2, 3 en 4 apart te printen.

Lees voor een toelichting en voorbeelden de diverse andere pagina's van deze handleiding Oplosmiddeleninstallaties.

Stap 1:

Is Activiteitenbesluit afdeling 2.11 Oplosmiddeleninstallaties van toepassing?

a. Activiteiten

Zijn er activiteiten met oplosmiddelen (hierna: activiteit) binnen de inrichting zoals genoemd in de overzichtstabel Werkingssfeer? Zo ja, ga dan verder. Zo nee, dan is afdeling 2.11 niet van toepassing.

O

ja

O

nee

b. VOS-verbruik

Geeft de inkoopadministratie inzicht in het VOS-verbruik of is er een VOS-boekhouding? Is hierin per activiteit (zoals hierboven bedoeld), het VOS-verbruik per 12 maanden bepaald door (zie voor I1 en O8 hieronder)?:

VOS-verbruik (kg/jaar) = I1 - O8

Let hierbij op welke VOS moet worden meegeteld: oplosmiddel, reinigingsmiddel.

O

ja

O

nee

I1: Is het aantal kg VOS ingezet (I1) bepaald door per VOS-houdend middel het volgende te berekenen en alle resultaten bij elkaar op te tellen:

(inkoop + voorraadverschil - niet gebruikt) x VOS-gehalte?

Let op het gebruik van de juiste eenheden en dat het voorraadverschil betrokken is op de begin- en eindperiode van boekhouding. Denk bij niet gebruikt VOS aan: niet binnen de activiteit gebruikt VOS (ongeopend doorverkocht, geretourneerd of buiten de activiteit of inrichting gebruikt).

O

ja

O

nee

O8: Is het, bij het aantal kg VOS hergebruikt buiten de activiteit (O8), duidelijk dat het gaat om VOS die uit de betreffende activiteit wordt teruggewonnen, maar ergens anders binnen een ándere activiteit óf in een andere inrichting wordt gebruikt?

Let op: VOS die voor externe regeneratie worden aangeboden is afval (O6) geen O8 (zie de toelichting bij O8).

O

ja/nvt

O

nee

Overschrijdt het VOS-verbruik voor een of meer activiteiten de drempel genoemd in de overzichtstabel Werkingssfeer? Zo ja, ga dan verder naar stap 2. Zo nee, dan is afdeling 2.11 niet van toepassing.

Als het op basis van inkoopgegevens en beschikbare (worst-case) VOS-gehalten (zie toelichting inzicht in verbruik), aannemelijk is dat het VOS-verbruik voor een activiteit, de verbruiksdrempel kan overschrijden, is het redelijk een gedetailleerdere oplosmiddelenboekhouding te verlangen.

O

ja

O

nee

Stap 2:

Is de totale emissie bepaald?

Is de totale emissie per activiteit bepaald door (zie voor I1 en O8 stap 1b en voor de overige hieronder)?:

I1 - O5 - O6 - O7 - O8

Voor de bepaling van de totale emissie kan een andere methode worden gebruikt indien het bevoegd gezag deze ten minste gelijkwaardig acht.

O

ja/nvt

O

nee

O5: Is, bij gebruik van nabehandelingsapparatuur, het aantal kg VOS verwijderd uit het afgas (O5) bepaald zoals in de toelichting aangegeven?

O

ja/nvt

O

nee

O6: Wordt bij aftrek van VOS in afval (O6), het aantal kg VOS bepaald door: afvalhoeveelheid (per jaar) x VOS-gehalte, waarbij een goede onderbouwing wordt gegeven van de afvalhoeveelheden en de VOS-gehalten daarvan (metingen)?

O

ja/nvt

O

nee

O7: Is, bij aftrek van VOS in het eindproduct (O7) (alleen mogelijk bij activiteit 1, 17, 18, 20) de hoeveelheid bepaald door: productiehoeveelheid (per jaar) x VOS-gehalte (onderbouwd met veiligheidsinformatie, receptuur)?

O

ja/nvt

O

nee

Stap 3:

Hoe gaat het bedrijf voldoen aan afdeling 2.11?

Het bedrijf kan dit zelf kiezen, zie handreikingen.

a. Reductie programma

Vaste stofregeling (alleen voor activiteit 2, 3, 6, 7, 8, 10, 16)? Ga naar stap 4: Toetsing aan regime 1.

O

ja

O

nee

Alternatief reductieprogramma (altijd mogelijk)? Ga naar stap 4:
Toetsing aan alternatief reductieprogramma.

O

ja

O

nee

b. Emissie grenswaarden

Afgaseis + diffuse eis (alleen voor activiteit 1 t/m 8, 10, 12, 16 t/m 18 en 20)? Ga naar stap 4: Toetsing aan regime 2.

O

ja

O

nee

Eisen aan de Totale emissie als % van de VOS-input (alleen voor activiteit 17, 18, 20)? Ga naar stap 4: Toetsing aan regime 3.

O

ja

O

nee

Eisen aan de totale emissie per hoeveelheid product (alleen voor activiteit 9, 11 t/m 15, 19 en coating voertuigen > 15 ton)? Ga naar stap 4: Toetsing aan regime 4.

O

ja

O

nee

Stap 4:

Wordt aan de eisen voor oplosmiddeleninstallaties voldaan?

Per activiteit hoeft op basis van stap 3 maar één van de volgende toetsen gedaan te worden

Toets aan regime 1

Is de beoogde emissie per activiteit bepaald door?:

vaste-stofverbruik x VF x reductie%

Zie voor vaste-stofverbruik hieronder, voor de rest de tabel Regime 1. De vermenigvuldigingsfactor VF kan bij uitzondering door het bevoegd gezag worden bijgesteld.

O

ja

O

nee

vaste-stofverbruik (kg/jaar): Is dit bepaald door per product het volgende te berekenen en alle resultaten bij elkaar op te tellen?:

(inkoop + voorraadverschil - niet gebruikt) x vaste-stofgehalte

Let op het gebruik van de juiste eenheden en dat het voorraadverschil betrekking heeft op de begin- en eindperiode van boekhouding. Denk bij niet gebruikt VOS aan: niet binnen de activiteit gebruikt VOS (ongeopend doorverkocht, geretourneerd of buiten de activiteit of inrichting gebruikt).

O

ja

O

nee

vaste-stofgehalte: Is dit gebaseerd op gegevens van leveranciers of bepaald door:

100% - gehalte VOS(%) - gehalte water(%)?

O

ja

O

nee

Is de totale emissie per activiteit lager of gelijk aan de beoogde emissie (zie stap 2)?

O

ja

O

nee

Toets aan regime 2

Eis aan afgas emissie

Is de afgasconcentratie representatief gemeten of berekend en voldoet de afgasconcentratie aan de eis uit de tabel Regime 2?

O

ja

O

nee

Is, indien de afgasconcentratie niet is gemeten, de afgasconcentratie bepaald zoals in de toelichting aangegeven?

O

ja/nvt

O

nee

Eis aan diffuse emissie

Is de hoeveelheid diffuse emissie bepaald zoals in de toelichting aangegeven, en is deze afgezet tegen de VOS-input (zie hieronder) lager of gelijk aan de eis voor de diffuse emissie in de tabel Regime 2?

O

ja

O

nee

Is de VOS-input bepaald door: I1 (stap 1b) + I2 (aantal kg intern opgewerkte VOS die weer wordt hergebruikt voor dezelfde activiteit)?

O

ja

O

nee

Toets aan regime 3

Voldoet de totale emissie (stap 2) gedeeld door het aantal kg VOS-input (zie hieronder) aan de eis in de tabel Regime 3?

O

ja

O

nee

Is de VOS-input bepaald door: I1 (stap 1b) + I2 (aantal kg intern opgewerkte VOS die weer wordt hergebruikt voor dezelfde activiteit)?

O

ja

O

nee

Toets aan regime 4

Voldoet de totale emissie (stap 2), gedeeld door de hoeveelheid geproduceerd product, aan de eis in de tabel Regime 4?

O

ja

O

nee

Toets aan alternatief reductieprogramma

Is aangetoond dat de totale emissie in kg (stap 2) maximaal gelijk is aan het totaal aantal kg VOS emissie die zou vrijkomen als precies voldaan wordt aan de emissiegrenswaarden (zie tabellen Regime 2, 3 of 4 van stap 4)?

O

ja

O

nee

Is in geval van oppervlaktereiniging zonder R-stoffen (zie stap 5a), aangetoond dat het gemiddelde VOS-gehalte in de gebruikte reinigingsmiddelen maximaal 30 gewichtsprocent is?

O

ja

O

nee

Stap 5:

Zijn er bijzondere omstandigheden?

R-stoffen

Als binnen een activiteit die onder afdeling 2.11 valt VOS wordt gebruikt met gevarenaanduiding of risicozin zoals aangeven in de toelichting;

wordt dan per activiteit (m.u.v. 11) inzicht gegeven in het aantal gram/ uur van de afzonderlijke emissies?

O

ja/nvt

O

nee

Voldoet, bij overschrijding van de massastroom (zie toelichting) van deze emissies;

de VOS emissie (m.u.v. activiteit 11) aan de eis van 20 respectievelijk 2 mg/m3?

O

ja/nvt

O

nee

Let op: de overige onderdelen van stap 5 gelden niet voor R-stoffen.

Compensatieregeling

Is de totaal gerealiseerde reductie bij meerdere activiteiten die onder afdeling 2.11 vallen, lager of gelijk aan de som van reducties die per afzonderlijke activiteiten gerealiseerd moet worden? Zo ja, dan wordt alsnog aan de eisen van afdeling 2.11 voldaan, ook als dit voor een afzonderlijke activiteit niet zo is.

O

ja/nvt

O

nee

Uitzondering diffuse emissie

Is, indien niet voldaan kan worden aan eisen aan de diffuse emissie (speelt alleen bij Regime 2), dit vastgelegd bij maatwerkvoorschrift?

O

ja/nvt

O

nee

Uitzondering emissie­grens­waarde

Is, indien emissies bij het coaten (activiteit 8) van schepen, vliegtuigen e.d., niet beheerst afgevangen kunnen worden, een reductieprogramma opgesteld? Zo ja, ga naast stap 4 toetsing aan Regime 1.

O

ja/nvt

O

nee

Is, indien in ook geen reductieprogramma mogelijk is, dit vastgelegd bij maatwerkvoorschrift?

O

ja/nvt

O

nee

Is, indien bij extractie/ raffinage van losse partijen zaden en ander plantaardig materiaal (activiteit 19) niet voldaan kan worden aan emissiegrenswaarden, dit vastgelegd bij maatwerkvoorschrift?

O

ja/nvt

O

nee

Terugwinning en hergebruik

Wordt, bij het toepassen van technieken voor hergebruik van teruggewonnen oplosmiddelen voldaan aan de ruimere grenswaarden voor afgassen zoals genoemd in de tabel Regime 2 (dit geldt alleen bij activiteit 7, 16, 18, 20 en deels 8)?

O

ja/nvt

O

nee