Beleidskader

Het Nederlandse beleid blijft erop gericht om de emissies van broeikasgassen verder terug te dringen. De overheid neemt maatregelen om dit verder te stimuleren. Daarnaast zet de overheid onverminderd in op de uitfasering van ozonlaagafbrekende stoffen zoals halonen en HCFK’s; dit is in lijn met de Europese regelgeving.

Waarom beleid en regelgeving?

F-gassen zijn gefluoreerde broeikasgassen. De toename van broeikasgassen in de atmosfeer versterkt het zogenaamde broeikasgaseffect. Hierdoor wordt de aarde steeds warmer. Dit vormt een ernstige bedreiging voor het milieu.

Ook ozonlaagafbrekende stoffen in de atmosfeer vormen een ernstige bedreiging. Net als f-gassen dragen zij bij aan een verdere opwarming van de aarde. Daarnaast vormen ozonlaagafbrekende stoffen een bedreiging voor de gezondheid. Deze stoffen zorgen namelijk voor een toename van UV-B-straling. Hierdoor neemt de kans op huidkanker en oogaandoeningen zoals staar toe.

Vermindering van de hoeveelheid f-gassen en ozonlaagafbrekende stoffen in de atmosfeer is daarom nodig. Hierover staan internationale afspraken in het Kyoto-protocol (voor f-gassen) en het Montreal-protocol (voor ozonlaagafbrekende stoffen). Aansluitend zijn afspraken in Europees verband gemaakt om de emissies van deze stoffen terug te dringen.

Protocol van Montreal

Het Montreal protocol is een internationaal verdrag. De internationale gemeenschap heeft hierin afgesproken om de emissies van ozonlaagafbrekende stoffen terug te dringen. De afspraken bestaan uit het reguleren en terugdringen of uitfaseren van de productie, het gebruik van deze stoffen en de handel hierin. Het doel is om de ozonlaag te herstellen tot het niveau van 1980.

Protocol van Kyoto

Het Kyoto-protocol is een internationaal verdrag. Dit verdrag regelt de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen. In de zogenoemde Kyoto I periode 2008-2012 staan voor de industrielanden kwantitatieve reductiedoelstellingen. De Nederlandse doelstelling was om de uitstoot van broeikasgassen gemiddeld met 6% te verminderen ten opzichte van de uitstoot in 1990. Deze doelstelling heeft Nederland gehaald.

De internationale gemeenschap onderhandelt nu over nieuwe afspraken. Deze afspraken komen in een nieuwe bindend Kyoto verdrag dat vanaf 2020 moet gaan gelden.

De Europese Unie heeft de volgende doelen gesteld:

  • een emissiereductie van 20% ten opzichte van 1990
  • per 2050 een emissiereductie van 80-95% ten opzichte van 1990

Het Nederlandse beleid blijft erop gericht om de emissies van broeikasgassen verder terug te dringen. De overheid neemt maatregelen om dit verder te stimuleren. Daarnaast zet de overheid onverminderd in op de uitfasering van ozonlaagafbrekende stoffen zoals halonen en HCFK’s; dit is in lijn met de Europese regelgeving.